Contact: info@netdidned.be
Correspondentieadres: Netwerk Didactiek Nederlands (NDN): Eendrachtlaan 3 - 3500 Hasselt
Verantwoordelijke uitgever: G. Duchâteau, Eendrachtlaan 3 - 3500 Hasselt
26-1, oktober-november-december 2013
In deze nieuwsbrief:

NDN-Facebookpagina




Redactioneel
Redactioneel artikel
Studiebijeenkomsten in 2014
Reflecteren
Startnotitie Nederlands in het hoger onderwijs
Toolkit Nederlands breed evalueren
HSN 27 - Utrecht
29-30 november 2013
Relevante informatie in Levende Talen sept. 2013
Rapport beleidsevaluatie lerarenopleidingen
Teleblik
Nederlands in Vlaanderen
Vertaalfiches
Gerook - jeugdroman in het Afrikaans
Documenten Hugo Raes
Recent op de NDN-Facebookblog
 
 
Beschikbaar in ons NDN-archief:
 
NDN-Nieuws 25-5
 
NDN-Nieuws 25-4
 
NDN-Nieuws 25-3
 
NDN-Nieuws 25-2
 
NDN-Nieuws 25-1
 
NDN-Nieuws 24-4
 
NDN-Nieuws 24-3
 
NDN-Nieuws 24-2
 
NDN-Nieuws 24-1
 
NDN-Nieuws 23-4
 
NDN-Nieuws 23-3
 
NDN-Nieuws 23-2
 
NDN-Nieuws 23-1
 
NDN-Nieuws 22-4
 
NDN-Nieuws 22-3
 
NDN-Nieuws 22-2
 
NDN-Nieuws 21-3
 
NDN-Nieuws 21-2
 
NDN-Nieuws 21-1
 
 
 
 
Redactioneel
 

L.S.

Elk van onze 430 geadresseerden krijgt in zijn e-postbus apart de eerste editie van de jaargang 2013-2014 van deze nieuwsbrief toegestuurd. Hij is ook te lezen op de pagina Nieuwsbrieven van onze website.

Deze nieuwe nieuwsbrief kondigt in de werking van het Netwerk Didactiek Nederlands enige verandering aan. Waar we ons tot nu toe in de eerste plaats oriënteerden naar de lerarenopleiders op de verschillende onderwijsniveaus, richten we ons nu tot een ruimer publiek waarbij ook begeleiders, taalbeleidscoördinatoren, mentoren, leraren betrokken worden. Zo sturen we de uitnodiging op het gepaste ogenblik van onze netwerkmiddag 2014 ook naar de scholen. Het thema leent zich daar ook voor. Inhoudelijk wagen wij het erop om buiten het strikte vakgebied van de didactiek Nederlands te gaan. Dat is zo voor onze lenteconferentie in 2014 waar we ‘Reflecteren’ als thema kozen. Wij zijn er ons blijvend van bewust dat een duidelijke wisselwerking tussen theorie en praktijk in het onderwijs en ook in het onderwijs Nederlands bevruchtend kan werken voor de efficiëntie van ons onderwijskundig handelen.

De tendens naar blikverruiming is ook merkbaar in de thema’s van de artikels die u hier worden aangeboden. De onderwerpen die voorkomen op de Facebookblog van het NDN tonen dat ruimschoots aan. U vindt die onderaan in een laatste rubriek van de nieuwsbrief. Algemene didactiek en didactiek Nederlands staan nauw met elkaar in verband en inspireren ons optreden voor de klas. Belangstelling voor het onderwijs in het algemeen en voor de thema's die in verband met het beleid van betekenis zijn stellen we in beperkte mate toegankelijk. Die uitgebreide interesse vinden we terug in wat langere artikels en in de diversiteit van de onderwerpen in de andere artikels. Toch blijven we voorrang verlenen aan die ideeën en realisaties die direct het onderwijs Nederlands in de lerarenopleiding ten goede komen, maar die in het verlengde daarvan ook voor de stages en de klaspraktijk inspirerend kunnen werken.

Nieuw is ook een wijziging in het bestuur van onze VZW. José Vandekerckhove heeft aanvaard om de functie van voorzitter op zich te nemen. Uw redacteur heeft met hem van functie verwisseld en is nu vicevoorzitter en ook verantwoordelijk voor de financiële werking. Verder is Jan Uyttendaele, collega-lerarenopleider Nederlands, na een aantal jaren afwezigheid opnieuw in het bestuur opgenomen en vervolledigt de huidige bestuursploeg.

José Vandekerckhove, de nieuwe voorzitter, heeft al ruim zijn sporen verdiend binnen het werkveld van het onderwijs Nederlands. Hij was leraar secundair onderwijs in Oostende tot vorig schooljaar. Hij is een aantal jaren pedagogisch begeleider geweest in West- en Oost-Vlaanderen. Hij is nog steeds gedeeltelijk praktijkassistent voor Nederlands in de initiële lerarenopleiding van de Katholieke Universiteit Leuven. Op dit ogenblik werkt hij intens verder aan de meer dan succesrijke totaalmethode Nederlands Frappant, waar hij fungeert als hoofd- en eindredacteur en waar hij nu samen met andere redacteuren de versie voor het TSO voorbereidt. Wij verwachten van hem een heel inspirerend voorzitterschap van ons Netwerk Didactiek Nederlands.

Vanaf nu kunnen de leden of toetredende leden hun contributie voor 2014 storten op
rekening IBAN = BE05 0011 4997 1675; BIC = GEBABEBB van NDN, Wilrijk.
- Een gewoon lid van het Netwerk Didactiek Nederlands betaalt 20
- Steunend lid kunt u zijn door storting van € 25

Van onze lezers verwachten wij veel belangstelling voor de activiteiten van ons netwerk, maar ook voor de nieuwsbrieven en andere publicaties, die wij dit werkjaar zullen blijven verzorgen.

Van harte


mede namens de NDN-bestuursleden


Ghislain Duchâteau, vicevoorzitter en redacteur


 

Redactioneel artikel


 

Zowel in Nederland als in Vlaanderen wordt veel aandacht besteed aan taalzorg bij het schrijven van een tekst. Toch treden er af en toe verschillen in woordgebruik tussen Noord en Zuid aan het licht. Tot dusver hebben wij steeds bovenaan onze NDN-nieuwsbrieven het kopje E d i t o geplaatst. Dat is een nette afkorting van wat veel Vlamingen een “editoriaal” zouden noemen. Nog gisteren kreeg ik van Frans Daems een e-postbericht waarin hij het ook over deze materie heeft. Hij schrijft me: “Dat neemt niet weg dat ik, als ik een tekst zou schrijven bedoeld voor alle Nederlandstaligen, mijn best zou doen om standaardtaal te gebruiken die overal als zodanig erkend wordt. Dus liever niet: editoriaal (hoewel dat zowel Engels als Frans is), zich verwachten aan, mijn zetel ((luie) stoel) en dergelijke.

Ondanks alle pluriformiteit in het taalgebruik in onze Nederlandstalige contreien willen wij deze idee ook huldigen in onze nieuwsbrieven.  De Grote Van Dale (2005) schrijft voor ‘editoriaal’ [Fr. éditorial], (Belg.N., niet alg.) hoofdartikel. Taaladvies.net heeft het voor editoriaal over redactioneel artikel/commentaar/hoofdartikel. In zijn toelichting verder: ‘Boven zo'n redactioneel stuk staat gewoonlijk een kop als Van de redactie of Redactioneel commentaar of kortweg Redactioneel of Commentaar. De andere naslagwerken geven als betere woorden voor het niet-algemeen gebruikte editoriaal hoofdartikel/redactioneel artikel/redactioneel/commentaar.
Taaladvies.net geeft daarvan een overzicht: http://taaladvies.net/taal/advies/vraag/237

Nu heeft uw redacteur van de NDN-Nieuwsbrief nog de ruimte om naar zijn persoonlijk aanvoelen een eigen keuze te maken. Dat wordt dan ‘Redactioneel’. Zo zullen wij dan de volgende nieuwsbrieven beginnen.

Ghislain Duchâteau




Studiebijeenkomstenvan NDN in 2014 -
* NDN-Netwerkmiddag op woensdag 19 maart 2014 UGent
* Lenteconferentie op vrijdag 9 mei 2014 UAntwerpen


 

Netwerkmiddag

De vierde netwerkmiddag van het NDN grijpt opnieuw plaats in de Faculteit faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen, Henri Dunantlaan 2 - 9000 Gent
.
In 2014 nodigen we dr. Ad Bok op woensdag 19 maart 2014 uit. Hij zal het hebben over het schrijfvaardigheidheidsonderwijs zoals hij dat ontwikkeld heeft in zijn programma
Taalonderwijs in Ontwikkeling (TiO). Zie de website http://www.tioschrijven.nl/

Het schrijfprogramma verdient de belangstelling niet enkel van de lerarenopleiders, evenzeer van directies van scholen, taalbeleidscoördinatoren, pedagogische begeleiders Nederlands en stagebegeleiders van hogescholen en mentoren.

Het NDN-bestuur bracht op woensdag 25 september 2013 een werkbezoek aan dr. Ad Bok in Rosmalen en werd voluit overtuigd van de efficiëntie van TiO. Daarvan getuigt ook het proefschrift van Theo Pullens Universiteit Utrecht 8 juni 2012. Hoofdstuk 4 gaat in op de specifieke aspecten van TiO.


HOOFDSTUK 4

EFFECTEN VAN HET COMPUTERPROGRAMMA TIO-SCHRIJVEN OP DE SCHRIJFVAARDIGHEID VAN LEERLINGEN IN GROEP ACHT: EEN LONGITUDINAAL ONDERZOEK


4.1 Samenvatting
Onderzoek toont aan dat de schrijfprestaties van leerlingen in de basisschool grote tekorten vertonen. Leerlingen schrijven te weinig en krijgen te weinig gerichte instructie in schrijfstrategieën. In een longitudinaal experiment is onderzocht welke effecten te meten zijn als leerlingen in groep acht op intensieve wijze gedurende één schooljaar gebruik maken van het computerprogramma TiO-schrijven. Dit programma biedt ondersteuning vóór, tijdens en ná het schrijven in de vorm van voorbeelden en aanwijzingen.
De effecten van TiO-schrijven zijn vergeleken met twee andere condities. In de ene conditie schreven de leerlingen wekelijks, net zoals in de TiO-conditie, met gebruikelijke instructies van de leerkracht zonder gebruik van de computer. In de andere conditie schreven de leerlingen één maal per maand een opstel. Aan het begin, in het midden en aan het eind van het schooljaar hebben 186 leerlingen opstellen geschreven in vier genres: een brief, verhaal, persoonlijk verhaal en redenering. Alle opstellen zijn beoordeeld door jury’s van drie beoordelaars.
Er zijn opvallende effecten aangetoond van de inzet van TiO-schrijven. Leerwinst kon al na een half jaar vastgesteld worden. Ook aan het eind van het schooljaar kan de leerwinst ten gevolge van TiO-schrijven aangetoond worden. De mix aan didactische maatregelen in TiO-schrijven, gecombineerd met intensief oefenen, moet hiervoor de verklaring zijn.

 



Lenteconferentie

Onze jaarlijkse conferentie in 2014 grijpt opnieuw plaats in Het Brantijser. Stadscampus Universiteit Antwerpen, Sint-Jacobsmarkt 9 – 13, 2000 Antwerpen.

We werken rond het thema 'Reflecteren kun je leren - Professionalisering door reflectie'.

Het NDN-bestuur is ervan overtuigd, dat reflecteren op eigen handelen binnen het vak Nederlands een nood is. Deze lenteconferentie kan een bijdrage leveren om die vaardigheid vanuit de eigen lerarenopleiding beter in de praktijk te leren brengen. We denken daarbij aan het kwaliteitsvol leren schrijven door de studenten van reflectieverslagen bij de stages.

- In de voormiddag voorzien wij een sleutelpresentatie over reflecteren als middel tot professionalisering.

- In de namiddag zijn er gespreksgroepen die de deelnemers confronteren met de problematiek: hoe leert de lerarenopleiding de studenten reflecteren? hoe verbetert ze de kwaliteit van de studentenreflecties? hoe evalueren de opleiders Nederlands de reflectieverslagen?…



Reflecteren als instrument om te leren


 


Reflecteren ‘laat zien hoe je gericht stil kunt staan bij wat je meemaakt, zowel bij wat minder goed liep als bij je successen. Daardoor krijg je een verdiept inzicht in jezelf en je eigen handelingsmogelijkheden. Dat is waar het bij reflectie om gaat. Het is een onmisbaar hulpmiddel om tot methodisch werken te komen...

Prof. dr. Fred Korthagen

Uit het Ten geleide van het boek “Reflecteren. Leren van je ervaringen als sociale professional”, Marie-José Geenen, Coutinho 2012, 240 blz.


Definitie van reflecteren


Terugblikken op een ervaring (handelen, denken, voelen, willen), evenals op de context waarin deze plaatsvindt, en deze ervaring in het bewustzijn brengen, er betekenis aan verlenen en van daaruit keuzes maken voor nieuwe perspectieven. 

Marie-José Geenen

Op. Cit. p. 41




Startnotitie Nederlands in het hoger onderwijs (Nederlandse Taalunie)


Opzet

Dat het de Nederlandse Taalunie meer bepaald de Raad voor Nederlandse Taal en Letteren binnen haar schoot ernst is met hun bezorgdheid voor de positie van het Nederlands in het hoger onderwijs blijkt uit het initiatief van de Raad om samen met het Algemeen Secretariaat van de Taalunie een plan van aanpak op te zetten voor de beleidsvoorbereiding en –advisering over het Nederlands als instructietaal en over de taalvaardigheid van studenten in het hoger onderwijs.

Dat plan is het eerste deel van een langer lopend traject, waarin later behalve de in de eerste alinea genoemde thema’s ook het Nederlands als taal van de wetenschap en in het bijzonder het Nederlands als wetenschappelijke publicatietaal aan de orde zullen komen.

Thema

Aandacht voor de positie van het Nederlands in het hoger onderwijs en in de wetenschap staat prominent in het meerjarenbeleidsplan 2013-2017 van de Taalunie. De Raad wil hierover de komende jaren een of meer adviezen uitbrengen aan het Comité van Ministers. In het meerjarenbeleidsplan ligt het accent vooral op de mate van het gebruik van het Nederlands als instructietaal en als voertaal in het hoger onderwijs, op de kwantiteit dus. De Raad wil uitdrukkelijk zíjn accent leggen op de kwalitatieve aspecten van het gebruik van het Nederlands, meer bepaald op de taalvaardigheid van studenten en in het verlengde daarvan die van de docenten. Dit zijn de twee thema's die tussen nu en medio 2013 voorrang krijgen. Later zal dan het derde thema "Nederlands als taal van wetenschap" aan de orde komen. Dat betekent ook het Nederlands als publicatietaal en de Nederlandse vaktaal. 

Zorgen m.b.t. het Nederlands

De Raad heeft in de eerste plaats zorgen over de taalvaardigheid van studenten en afgestudeerden. Ze betreffen vooral de talige competenties die nodig zijn om een studie te kunnen volgen in het hoger onderwijs: een presentatie geven, een werkstuk structureren, argumenteren, wetenschappelijke teksten begrijpen en dergelijke. In dit stuk duiden we dat gemakshalve aan als ‘academische taalvaardigheid’. En ten derde gaat het ook om de vereiste beheersing van de vaktaal.

Daarnaast  heeft de Raad ook zorgen over het afnemend gebruik van het Nederlands als instructietaal in het hoger onderwijs.

We citeren hier ruim uit de startnotitie Nederlands:

“2.2 Zorgen over het afnemend gebruik van Nederlands als instructietaal
Steeds meer universiteiten en hogescholen bieden programma's aan in het Engels. Dat geldt vooral voor de masterprogramma’s aan de universiteiten. De Taalunie is zeker voorstander van het Europese beleid ten aanzien van meertaligheid, ook in de universiteiten en hogescholen. Ze realiseert zich dat in bepaalde gevallen het gebruik van het Engels als instructietaal nodig is. Maar ze heeft ook de indruk dat er negatieve gevolgen zijn die kunnen worden beperkt als de onderwijsinstellingen zorgvuldiger en transparanter te werk gaan bij de keuze van de instructietaal voor een bepaalde studie.

• Een van haar zorgen is dat een afname van het gebruik van het Nederlands als instructietaal ten koste gaat van academische taalvaardigheid in het Nederlands en in het verwerven van Nederlandstalige vaktaal. Bovendien leidt het tot minder aandacht voor het goed hanteren van de Nederlandse taal in het algemeen.

• Een tweede zorg is de afname van de functie van het Nederlands als taal van wetenschap. Er zijn vakken die nauwelijks meer in het Nederlands worden aangeboden. Gebruik van het Engels kan het accent leggen op een Angelsaksisch discours en daardoor andere invalshoeken, dus ook uit de Lage Landen, onderbelichten. Bovendien wordt de Nederlandse vaktaal op een bepaald domein niet meer gevoed, wat tot functieverlies voor het Nederlands zou leiden met als gevolg een kloof tussen Nederlandstalige burgers enerzijds en beroepsbeoefenaren die zich niet in het Nederlands kunnen uitdrukken aangaande hun deskundigheid anderzijds.

• Een derde zorgpunt is dat Nederlandstalige studenten de studie in het Engels niet altijd goed kunnen volgen. Vooral voor studenten die een beroepsopleiding volgen en die hun handen al vol hebben aan de conceptuele kant van het onderwijs kan het een extra belasting zijn dat ze Engelstalige colleges en lesmaterialen krijgen. 

De onderwijsinstellingen maken hun argumenten om te kiezen voor Engelstalig onderwijs vaak niet expliciet. Doorgaans wijzen ze op de internationale meerwaarde.
Hier volgt een (niet noodzakelijk volledige) opsomming:
• de internationale relevantie van de betreffende studie;
• de aanwezigheid van buitenlandse studenten;
• de mogelijkheid om hoogwaardige buitenlandse docenten aan te trekken;
• het uitgangspunt dat Engels de taal van de wetenschap is;
• extra inkomsten te generen door een toeloop van buitenlandse studenten.

Hoe het ook zij, als die argumenten al expliciet gemaakt worden, ze worden zelden geëvalueerd: Hoeveel studenten uit het buitenland levert de keuze voor het Engels nu eigenlijk op? En blijkt het vak dat in het Engels gegeven wordt inderdaad internationaal relevant? Kómen de afgestudeerden in een bepaald vak wel echt terecht in wetenschappelijke banen waar Engels de voertaal is?
De onderwijsinstellingen lijken weinig te reflecteren op de geldigheid van de argumenten, ze monitoren niet en ze komen ook zelden terug op hun keuze voor het Engels als instructietaal.

Nuances

• De term “instructietaal” moet in de vervolgfase scherper gedefinieerd worden. Het kan hier gaan om: de taal van de studieboeken en andere teksten, om de taal die de docent spreekt, om de taal die de studenten onderling met de docent spreken, de taal waarin studenten opdrachten maken, de taal waarin examens worden afgenomen (mondeling/schriftelijk) én de taal die tijdens de stage wordt gesproken (m.n. in hogescholen relevant).

• Er is een groot verschil tussen Vlaanderen en Nederland. In Vlaanderen is pas sinds 2010 de keuze voor een andere instructietaal bij decreet toegestaan en er zijn strakkere regels voor het volume anderstalig onderwijs dat per instelling gegeven mag worden. Iedere studie moet bovendien ergens in Vlaanderen in het Nederlands worden aangeboden. In Nederland staat in de wet dat Nederlands de onderwijstaal is, maar dat in bepaalde gevallen uitzonderingen mogelijk zijn. Van die uitzonderingsmogelijkheid wordt in de praktijk op ruime schaal gebruik gemaakt.

• Het beleid bij de universiteiten verschilt van dat bij de hogescholen. Het Engels is dominanter aanwezig aan de universiteiten. Vooral veel mastersopleidingen zijn in het Engels. In de bachelorsprogramma’s aan universiteiten en hogescholen is het gebruik van Engels veel minder.

We bevelen graag de lectuur aan van de hele “Startnotitie Nederlands in het hoger onderwijs”.

Zeker zouden we de Taalunie kunnen adviseren kennis te nemen van het volledige recente rapport van de Europese Unie European Education in the World, waarin 16 aanbevelingen worden aangehaald. Een aanzet vind je in het persbericht daarover.


 


TOOLKIT COMPETENTIES NEDERLANDS BREED EVALUEREN


 

De Toolkit rust leerkrachten en pedagogische begeleiders Nederlands alsook taalbeleidscoördinatoren uit om de taalvaardigheid van de leerlingen breed te evalueren. Vertrekkende vanuit een startvragenlijst die belanghebbenden laat reflecteren over hun evaluatiepraktijk, wordt er professionalisering op maat aangeboden door doorgelinkt te worden naar scenario’s die inspelen op een specifieke behoefte omtrent breed evalueren. Deze scenario’s omvatten stappenplannen, praktische tips en concrete voorbeelden om aan de slag te gaan. Bestaande evaluatie-instrumenten zijn besproken en verwerkt in de scenario’s.

Het is een OBPWO-project voor het Secundair Onderwijs  in opdracht van het  Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Departement Onderwijs & Vorming met als projectpartner Steunpunt Diversiteit en Leren UGent en met medewerking van het Centrum Taal & Onderwijs (KU Leuven).

Op 11 oktober 2013 vond daarover een studiedag plaats op het Departement.

Voor toegang tot de documenten en voor uitgebreidere informatie verwijzen wij graag naar onze tekst op de pagina Publicaties van de NDN-website

Toolkit Breed Evalueren (TBE) voor de competenties Nederlands in het secundair onderwijs

HSN - 27

op vrijdag 29 en zaterdag 30 november 2013 in Utrecht


 

Gastheer



Conferentie Onderwijs Nederlands


Adres conferentielocatie:

Hogeschool Utrecht
Faculteit Educatie
Padualaan 97
3584 CH Utrecht

Gedetailleerde routebeschrijving (pdf)


Programma

Conferentie Onderwijs Nederlands is een conferentie met parallelle programmakolommen: er vinden tien tot twaalf presentaties tegelijk plaats. U hoeft zich niet in te schrijven voor de presentaties die u wenst bij te wonen, u kunt ter plaatse vrij kiezen. Bovendien kunt u op beide dagen de informatiebeurs bezoeken waarop Vlaamse en Nederlandse (educatieve) uitgevers en vakverenigingen hun publicaties voorstellen.

Het programma voor beide dagen vindt u op
http://www.hsn.ugent.be/programma.html


Abstracts

Het is goed je eigen programma op te stellen vooraleer je op de conferentie aankomt.
Je kunt een keuze maken aan de hand van de abstracts van de verschillende presentaties en sessies. Die abstracts vind je op de website van HSN:
http://www.hsn.ugent.be/abstracts.html


Inschrijving

Elkeen die wil deelnemen schrijft zich elektronisch in op de daartoe voorziene pagina van de website van HSN:
http://www.hsn.ugent.be/inschrijven.html


Reizen en slapen

Het is best zelf tijdig een hotelkamer te reserveren in hotels in het centrum van Utrecht, bij voorkeur dicht bij het Centraal Station.

Website

http://www.hsn.ugent.be/

 


Relevante informatie voor lerarenopleiders en leraren in Levende talen – september 2013 


 

De vereniging publiceert twee belangrijke periodieken. Ambitieus is zeker het tijdschrift, waarin resultaten van onderzoeken worden gepubliceerd. Gevarieerder, op ruimer formaat uitgegeven en met korte en langere artikels en ook geïllustreerd is het Levende Talen Magazine (LTM). Nederlands krijgt in beide publicaties  zijn plek tussen andere talen. Maar bij een verkenning van de inhoud selecteren we toch de artikels die voor de didactiek van het Nederlands relevant zijn.
Relevantie houdt hier in nuttige en interessante inhoudelijke informatie, die soms dienstig zou kunnen zijn voor de vorming van onze didactische en methodologische visie en soms toepasbaar kan worden gemaakt voor de onderwijspraxis zelf.

In dat licht hebben we het tijdschrift en het magazine van de maand september eens nagekeken.

Omdat een verbindingswoord aanzet tot terugkijken: effecten van verbindingswoorden tijdens en na het lezen’, Gerdineke van Silfhout, Jacqueline Evers-Vermeul en Ted Sanders (pp. 3-13)

Het eerste artikel in LEVENDE TALEN TIJDSCHRIFT handelt over effecten van verbindingswoorden tijdens en na het lezen. De auteurs onderzochten de vraag welke rol de verbindingswoorden omdat en bovendien vervullen bij het verwerken en begrijpen van verhalen en studieteksten bij leerlingen in het voortgezet onderwijs. Verbindingswoorden instrueren leerlingen welke relatie ze moeten leggen tussen een nieuwe en een eerder gelezen zin. Het effect tijdens het lezen is dat leerlingen de nieuwe zin sneller verwerken en vaker terugkijken naar eerdere informatie. Dat leidt tot hoger tekstbegrip.
Dat geldt voor de leerlingen van de verschillende onderwijsvormen.

‘Zoek de fout; een foutenclassificatie als aanzet tot gerichte remediëring Nederlands in het hoger professioneel onderwijs in Vlaanderen’, Annelies Deveneyns en José Tummers (pp. 14-26)

Het volgende artikel is ook betekenisvol. Het handelt over een onderzoek dat een foutenclassificatie oplevert die een aanzet betekent tot gerichte remediëring Nederlandse schrijfvaardigheid in het eerste jaar professioneel hoger onderwijs in Vlaanderen. Spelling en woordenschat hoeven niet de belangrijkste aandachtspunten te zijn, maar wel het foutief gebruik van taalmarkeerders. Dat zijn talige elementen die een centrale rol spelen bij de constructie en de interpretatie van de tekstuele boodschap. Het gaat hier om refererende elementen in de tekstgrammatica, de ontbrekende woorden in de syntaxis, foutief woordgebruik en de syntactische aspecten bij interpunctie. Bewustmaking van kennis en attitudeaanscherping van het belang van helder en correct taalgebruik voor een goed tekstbegrip bij de bachelorstudenten is dan de opdracht van alle docenten binnen de situatie van een geïntegreerd taalonderwijs.


Voor dit septembernummer signaleren we nog de uitvoerige recensie van Bart van der Leeuw van het verschenen proefschrift van Mariëtte Hoogeveen (2012), Writing with peer response using genre knowledge. A classroom intervention study. Schrijven met peer response en instructie in genre-kennis; een interventiestudie in de basisschool. Thesis University of Twente, Enschede (pp. 52-56)

Levende Talen Magazine (LTM) heeft artikels onder de volgende rubrieken: Nieuws, Gesignaleerd, Binnenkort, Column (P.A. Coppen), Poëzie, Jeugdliteratuur, Film en DVD, ICT, Web, Praktijk, Recensie, Kroniek, Etalage en Overig.

We vestigen eerst de aandacht op “twee geweldige boeken voor brugklassers – Fictie en non-fictie voor de onderbouw
- Marjolijn Hof. (2013). De regels van drie. Querido, € 13,95, 120 blz.
- Jan Paul Schutten. (2013). Het raadsel van alles wat leeft en de stinksokken van Jos Grootjes uit Driel. Gottmer, € 19,95, 160 blz.
Zie: http://www.eenboekjeopen.nl

‘Schrijven in de tweede Fase’, Theun Meestringa en Clary Ravesloot (pp. 6-10)

Bij ‘Schrijven in de tweede fase’ komt een analyse van het schrijfonderwijs in de drie meest gebruikte totaalmethodes Nederlands aan de orde:  Nieuw Nederlands, Op Niveau en Talent. Zes ervaren leraren-gebruikers van die methodes werden daarbij geïnterviewd. Zo kregen de onderzoekers een duidelijker beeld van de praktijk van het schrijfonderwijs in de bovenbouw van havo/vwo.
Correctie- en tijdsdruk bepalen nog in behoorlijke mate de praktijk van het schrijfonderwijs. Het blijkt dat leerlingen ondersteuning nodig hebben in alle fasen van het complexe schrijfproces. Dat betekent:

  1. oriêntatie op de schrijftaak (genre, doel, publiek)
  2. inhoud voorbereiden via verzamelen of aanreiken van informatie en een plan voor de tekst
  3. uitvoering van de schrijftaak, via suggesties voor woordkeus, zinsbouw, stijl, tekst- of alineaopbouw
  4. reflectie op en revisie van de tekst
  5. reflectie op het schrijfproces, via reflectievragen en samenspraak met medeleerlingen en/of leraar.

Er zijn positieve tendensen naar communicatief en procesgericht schrijfonderwijs. Leerlingen worden via tekstanalytische deelopdrachten goed georiënteerd op de tekst. Gedocumenteerd schrijven is vanzelfsprekend geworden. Reviseren van teksten komt zowel in methodes als bij leraren aan de orde. Leraren gebruiken nog een schrijfdossier. Peer response is systematisch verwerkt in twee methodes, maar komt slechts sporadisch voor bij leraren. Reflectie op het schrijfproces is er nauwelijks of niet noch in de methodes noch bij leraren.


‘Diversiteit in lessen Nederlands?’ Theun Meestringa (pp. 22-26)

Blijkbaar doen leraren Nederlands in Nederland in de lessen niets aan meertaligheid en diversiteit. Het komt niet voor, het wordt niet gepromoot. Het Europees Centrum voor Moderne Talen (ECML) wil daarentegen af van de heersende, monolinguale benaderingen van onderwijs en opleiding in de meerderheidstaal en wil een verrijkte blik daarop via diversiteit als potentie promoten. In de lerarenopleidingen Nederlands is er de Kennisbasis Nederlands voor de lerarenopleiding (HBO-raad, 2009) met als kernconcept: “Invloed van verschillende culturen op een klassen- en schoolsituatie: interetnische communicatie, intercultureel handelen, de weerslag van economische, religieuze en politieke wijkontwikkelingen op de schoolsituatie; communicatie: richtlijnen om te kunnen communiceren met anderstalige leerlingen in en rondom de lessen, cultureel perspectief in teksten: interculturele teksten, verschillen in ervaringen en voorkennis van leerlingen (p. 14). Andere kernconcepten zijn ‘Nederlands als tweede taal’ en ‘taalgericht vakonderwijs’. Naast kennis van eerste- en tweedetaalverwervingsprocessen en van intercultureel onderwijs, basale kennis van taalkunde, didactische kennis over eerste- en tweedetaalonderwijs, worden ook vaardigheden voor leraren gedefinieerd: kunnen laten zien dat alle talen een betekenisvolle plaats in de klas hebben, respect tonen voor alle talen in de les, ruimte in de klas creëren voor de eigen talen, culturen en tradities van leerlingen, leerlingen bewust maken van alle talenkennis die zij bezitten, hun laten zien dat ook minder bekende talen een bron voor taalleren kunnen zijn. De auteur wijst nog op de noodzaak van academische geletterdheid, voor leerlingen de academische en professionele talen bij de diverse vakken. Naast doel- en publieksgericht taalgebruik is aandacht nodig voor de context waarin taal gehanteerd wordt. Het gaat daarbij om keuzes die een taalgebruiker maakt bij de verschillende contexten waarmee hij wordt geconfronteerd, om het leren gebruiken van Standaardnederlands in veeleisende contexten. Nieuwe leerplanvragen zijn academische geletterdheid te ontwikkelen bij Nederlands en bij andere vakken.



BELEIDSEVALUATIE LERARENOPLEIDINGEN

Rapport van de Commissie Beleidsevaluatie Lerarenopleidingen - juli 2013


 

De onderwijsspecialisten onder leiding van Gert Biesta, professor onderwijstheorie en -beleid aan de Universiteit van Luxemburg, formuleerden een reeks aanbevelingen om de kwaliteit van de lerarenopleidingen blijvend te garanderen.
Ze leggen een aantal pijnpunten bloot: de aanvangsbegeleiding voor starters, de voorbereiding op lesgeven in grootstedelijke context, differentiëren in de klas en diversiteit in de lerarenopleidingen.

Lees het rapport van de commissie-Biesta

Als reactie op het rapport richt Minister van Onderwijs Pascal Smet zes werkgroepen van specialisten op die concrete oplossingen zullen formuleren op de knelpunten in de lerarenopleiding.

Die werkgroepen die de hervorming van de lerarenopleidingen in een volgende legislatuur moeten voorbereiden zijn:

- De instroom
- De lerarenopleiders
- De aanvangsbegeleiding
- De inhoud van de opleiding en uitstroom
- De stages
- Diversiteit in de opleidingen

Zodra de beroepskwalificatieprofielen van de leraars klaar zijn, komt er in januari 2014 nog een zesde werkgroep bij, over de toekomst van de specifieke lerarenopleidingen.

De werkgroepen zullen tegen juni 2014 concrete en toepasbare aanbevelingen formuleren, die meteen door de volgende Vlaamse regering opgenomen en uitgevoerd kunnen worden.



Teleblik


 



Teleblik is de audiovisuele portaalsite voor basisscholen, het voortgezet onderwijs en het MBO.

  • Zoek naar honderden uitzendingen
  • Bewaar favoriete uitzendingen
  • Maak eigen fragmenten met de snijmachine
  • Toon zelfgemaakte montages in de klas
Duizenden uren educatieve televisie gratis online

Teleblik is een website met duizenden uren televisie- en radiomateriaal, rechtstreeks uit de archieven van Beeld en Geluid. In Teleblik worden televisie-uitzendingen van o.a. de publieke omroepen en Polygoon via internet toegankelijk gemaakt voor het onderwijs. Het materiaal is snel en gemakkelijk te doorzoeken en af te spelen. U kunt zoeken op trefwoord, op omroep en via de alfabetische trefwoordenlijst. Bovendien kunt u met de digitale snijmachine zelf fragmenten uit programma's snijden of eenvoudige montages maken. U kunt Teleblikmateriaal opnemen in uw eigen (digitale) lesmateriaal of elektronische leeromgeving. Teleblik is gratis beschikbaar voor leerlingen en docenten van het PO, VO en MBO. Wel eerst registreren.

Wie staan er achter Teleblik?

Teleblik is een initiatief van Beeld en Geluid, NTR en Stichting Kennisnet. Leerlingen en docenten kunnen gratis gebruik maken van Teleblik. De partijen achter Teleblik streven ernaar om van Teleblik een blijvende voorziening voor het onderwijs te maken.

Meer informatie?
De website: http://teleblik.nl/

Kijk voor informatie over het gebruik van Teleblik in de les
en andere veelgestelde vragen bij Help

 


EEN ZONDAGSPAK? HET NEDERLANDS IN VLAANDEREN:
GEDRAG, BELEID, ATTITUDES

*Dirk Geeraerts

 


Een bijzonder lezenswaardig artikel is dat voor wie belangstelling heeft voor het taalgebruik in Vlaanderen. De taalvariatie tussen Nederland en Vlaanderen komt hier heel duidelijk ter sprake. Ook de mogelijke evolutie van de verhouding tussen standaardtaal, tussentaal en dialect en de evolutie van de afstand ten overstaan van elkaar wordt helder in beeld gebracht. ...
Hoewel het artikel dateert van 2001 is het tegenover de situatie van het gebruik van het Nederlands nu nog voldoende actueel om er een goed houvast aan te hebben.


G.D.

Inleiding

'Taalsituaties kunnen op drie niveaus bekeken worden.

-Op het niveau van het feitelijke taalgedrag is de vraag: welke taal of taalvariëteit spreken en schrijven taalgebruikers in welke omstandigheden ?

-Op het niveau van het taalbeleid bekijken we hoe het taalgedrag gestuurd wordt door geëxpliciteerde normen en regels. Daarbij hoeven we niet uitsluitend te denken aan officiële voorschriften: het betreft alle processen waarbij het formuleren van oordelen en het voorhouden van richtlijnen het gedrag van anderen met een min- of meerdere mate van gezag probeert te beïnvloeden. Het kan daarbij dus ook gaan om een specifieke onderwijspraktijk, of om de acties van verenigingen die strijden tegen Engelse leenwoorden of die zich inzetten voor de erkenning van het Nederlands als middelgrote taal binnen de Europese Unie, of bijvoorbeeld ook nog om de huisstijl die een krant er m.b.t. het taalgebruik op na houdt.

-Op het niveau van de taalattitude ten slotte gaat het om de manier waarop de taalgebruikers tegen hun eigen taalgedrag (en tegen de verschillende vormen van taalbeleid) aankijken: hoe waarderen ze de bestaande situatie, en zou uit die waardering afgeleid kunnen worden of de situatie wellicht nog zal veranderen ?'

Lees verder

Referentie: Geeraerts, Dirk. 2001. "Een zondagspak ? Het Nederlands in Vlaanderen: gedrag, beleid, attitudes". Ons Erfdeel 44: 337-344.

___________

* Dirk Geeraerts is gewoon hoogleraar aan de Faculteit Letteren van de KU Leuven.
Hij behoort tot de Onderzoeksgroep Kwantitatieve Lexicologie en Variatielinguïstiek.




VERTAALFICHES

MEERTALIG COMMUNICEREN MET OUDERS
 



Beste collega's uit de lerarenopleiding,...

Weet je dat er ‘vertaalfiches’ bestaan? Waartoe ze precies dienen?
Exploreer dat even op de website van Klasse. Bekijk een paar van die fiches.

Er zijn er over niet minder dan 33 thema’s. Ze zijn in 9 of 10 talen gesteld met telkens bovenaan de beknopte tekst in eenvoudig Nederlands en daaronder de tekst in één van de gegeven talen.

Ze kunnen dienstig zijn in de lerarenopleiding professionele bachelor vanaf de Opleiding bachelor kleuteronderwijs

Klik op VERTAALFICHES

 


GEROOK

Jeugdroman in het Afrikaans

deur Eldridge Jason
 

De jeugdroman van Eldridge Jason maakt de lezer bekend met de schemerwereld van drugs en tienergevaren waarover nog heel weinig in het Afrikaans is geschreven. Het boek is ontzettend en eerlijk geschreven; het is een must voor ouders en hun kinderen.
Naomi Meyer heeft de schrijver hierover een interview afgenomen.

Eldridge Jason se jeugroman stel die leser bekend aan ’n skemerwêreld van dwelms en tienergevare waaroor daar nog baie min in Afrikaans geskryf is. Die boek is ontstellend en eerlik geskryf; dis 'n moet-lees vir ouers én hul kinders. Naomi Meyer het die skrywer hieroor uitgevra.

Lees het interview in het Afrikaans


Bron: http://www.litnet.co.za



DOCUMENTEN OVER DE OVERLEDEN SCHRIJVER HUGO RAES

 



De auteur overleed op 84-jarige leeftijd in Antwerpen op maandag 23 september 2013.

Op de website van het NDN onder de rubriek Actuele berichten vindt een belangstellend lezer een serie documenten, die hem in staat stellen een uitvoerig en grondig beeld te vormen van de schrijverspersoonlijkheid van de overleden schrijver.

Ga daarvoor naar de NDN-website

Uit die informatiebronnen ontstaat inderdaad een indrukwekkend beeld van Hugo Raes.


De recente berichten op de Facebookblog van het NDN

De onderwijskundige actualiteit Nederlands in informatieve berichten
taal, didactiek, literatuur...


 


Nogmaals vestigen we de aandacht op een pakketje interessante artikels op de Facebookblog van het NDN.
Klik op het Facebookicoontje of log in met je Facebookaccount. Geef dan Netwerk Didactiek Nederlands in op het invulvak bovenaan. Open dan in de rechter kolom de 'Volledige lijst'.


- TIEN REDENEN OM TOMMY WIERINGA TE LEZEN

- SCHRIJFVAARDIGHEID UNIVERSITEITSSTUDENTEN MOET BETER
In haar masterproef ging Karen Taho, studente Taal- en Letterkunde aan de KU Leuven, na hoe het nu echt staat met de schrijfvaardigheid van de beginnende universiteitsstudent.
Zij komt tot pertinente bevindingen. Daaruit puurt ze ook stringente aanbevelingen.
We verwijzen daarover graag naar het artikel van dinsdag 16 juli 2013 in Knack.be

- LUC VAN ACKER – ZIJN WEBSITE “STERK LERAARSCHAP”
Deze website tracht zoveel mogelijk achtergrondinformatie en referentiekaders samen te brengen over goed onderwijs voor elke leerling, ook voor de jongeren met specifieke onderwijsbehoeften.

- PASSAGE
Dat is de titel van het nieuwe Vlaamse tijdschrift ‘voor Europese literatuur en cultuur’.

- ACADEMISCHE LERARENOPLEIDING

In zijn interview met De Standaard van maandag 12 augustus 2013 doet Rector Rik Torfs van de Katholieke Universiteit Leuven daarover de volgende uitspraak:
‘De universitaire lerarenopleiding is van kapitaal belang. Het beroep van leraar moet absoluut geherwaardeerd worden. Dat is de toekomst van het land. De academische lerarenopleiding moet didactiek en vakdidactiek combineren. Vicerector Didier Pollefeyt zal deze materie aanpakken. Onverwijld.’...

- BruutTAAL.nl KRIJGT EEN NIEUW ONTWERP
Lawless&Lottski is bezig met een fantastisch nieuw ontwerp van BruutTAAL.nl. Dat werd ook wel tijd na 6 jaar. De wet van de remmende voorsprong doet ook hier weer zichtbaar zijn werk. Wat een saaie site is dat! (met de kennis van nu)... http://www.bruuttaal.nl/

- NIEUW TIJDSCHRIFT OVER TAALONDERWIJS IN HET BASISONDERWIJS:
MeerTaal!
MeerTaal is er voor iedereen die werkt in of voor het basisonderwijs. Het blad richt zich op taaldidactiek in de breedste zin van het woord. MeerTaal! biedt verdiepende beschrijvingen van inzichten uit recent onderzoek, opiniërende stukken rondom actuele kwesties in het taalonderwijs, en ook prikkelende praktijkvoorbeelden, concrete lessuggesties en leesbare columns.

- OVER DE LERARENOPLEIDING IN KNACKS ONDERWIJSENQUETE

Het studiebureau voerde voor Knack een enquête uit bij 1004 leerkrachten, 561 ouders van leerlingen en een controlegroep van 573 personen buiten het onderwijs. Daarin werd gepeild naar de problemen in het Vlaamse onderwijs en naar de receptie van de hervorming van het secundair onderwijs.
Ook over de lerarenopleiding werden vragen gesteld. We citeren wat het magazine daarover schrijft....

- OPENING NAAR EEN NIEUWE DIMENSIE VAN TAALONDERWIJS
Onder de prikkelende titel “Het communicatief taalonderwijs voorbij?” publiceerde de Leuvense didactiekprof Kris Van den Branden in juni 2013 een tot reflectie aansporende tekst voor methodeontwerpers, taalleraren en ook lerarenopleiders op zijn blog
http://duurzaamonderwijs.com/2013/06/19/het-communicatief-taalonderwijs-voorbij/
Het is een tekst om niet zomaar aan voorbij te gaan.

- WOORDKOMPAS VOOR NEDERLANDS ALS VREEMDE EN ALS TWEEDE TAAL
de woordkompas-site, gemaakt om collega’s en vooral leerlingen te helpen bij normaal spreken en schrijven

- NEERLANDISTIEK IN BEELD
“Neerlandistiek,” schrijft de Dikke van Dale, is “de wetenschap die zich bezighoudt met de Nederlandse taal en literatuur.” Die definitie werd blijkbaar te beperkt bevonden door de schrijvers van Wikipedia, die in hun eigen omschrijving ook de gehele Nederlandse cultuur erbij betrekken. De nieuwe bundel 'Neerlandistiek in beeld' stelt het beeld wat scherper. In de eerste zin van het voorwoord wordt al duidelijk gesteld dat neerlandistiek geen wetenschappelijke discipline genoemd kan worden, maar dat het de benaming is van het gezamenlijke werkterrein van letterkundigen, taalkundigen en taalbeheersers. Die vakgebieden zijn in de loop van de tijd uit elkaar gegroeid en verdeeld in een groot aantal specialismen, maar die blijven altijd verbonden door de gezamenlijke interesse in taal en taalgebruik.
Jan Noordegraaf...

- NOTITIES MAKEN TIJDENS DE LES: LAPTOP OF TABLET?

- NAAR EEN EFFICIËNTE VERNIEUWING VAN HET ONDERWIJS
Dit zijn volgens het adviesbureau McKinsey naar de Vlaamse Onderwijsraad (Vlor) toe de vier cruciale factoren voor een succesvolle vernieuwing in onderwijs...

- VOORLEESBELEID
Een krachtige voorleesomgeving creëren in de hele basisschool
Door Jozefien Loman, medewerker Centrum Taal en Onderwijs (CTO) Universiteit Leuven

in de nieuwsbrief TAAL & ONDERWIJS september 2013....

- DE LEESRACE
De Leesrace is een leesbevorderingsproject van de Stichting Lezen
Klas 2MOC van het Koninklijk Lyceum Aalst won de vorige editie van De Leesrace. Zij maken jullie met dit filmpje graag warm voor het nieuwe jaar!...

- HERVORMING VAN DE LERARENOPLEIDING KOMT IN ZICHT
Naar aanleiding van de evaluatie van de bestaande lerarenopleidingen aan universiteiten en hogescholen geeft de commissie-Biesta aan de minister aanbevelingen in welke richting een komende hervorming zou moeten gaan.
Samenvattend komt het in grote lijnen hierop neer...

- TAALNORMEN BEÏNVLOEDEN (WEL DEGELIJK) DE TAALREALITEIT
Artikel daarover in het nieuwe nummer “OVER TAAL”
‘Kunnen taalnormen de taalrealiteit beïnvloeden? Met andere woorden: slagen taaladviseurs erin om bepaalde taalvormen uit het taalgebruik te weren en andere te promoten?’ Op die vraag heeft Els Hendrickx een antwoord geformuleerd in haar proefschrift. ...

- ALICE MONROE, NOBELPRIJS LITERATUUR 2013
Anne Provoost: ‘Munro lezen maakt een beter mens van je’
Katrien Steyaert

- RECENSIE VAN ‘DAGBOEK VAN EEN LANDJONKER’ VAN BENNO BARNARD
in Knack.be van de hand van Frank Hellemans
Excerpt...

- RECHTSTREEKS PRATEN MET PEUTERS VERSTERKT HUN TAALONTWIKKELING

- DOOR GOEDE LITERATUUR TE LEZEN VERHOOGT JE INLEVINGSVERMOGEN IN MENSEN

- WILFRIED MARTENS – ABN-MILITANT

- CONGRES ‘DE WORTELS VAN HET NEDERLANDS’ BREDA
ZATERDAG 16 NOVEMBER 2013

- DE VLAAMSE AUTEUR THOMAS BLONDEAU IS OVERLEDEN

- MOETEN LESVOORBEREIDINGEN OP PAPIER?

- LEREN OP MAAT
Met het systeem van flexibele leertrajecten kunnen leerlingen die anders een b- of c-attest zouden krijgen toch overgaan naar het volgende jaar waar ze de tekorten kunnen wegwerken.

- TLPST (jongerenversie van Taalpost)
TLPST krijgt een vaste plaats in Nieuw Nederlands...

- PRESENTATIE Worm en Donder - Geschiedenis van de Nederlandse literatuur deel 4

- JOKE VAN LEEUWEN WINT AKO Literatuurprijs 2013
29.10.2013
De AKO Literatuurprijs 2013 is toegekend aan Joke van Leeuwen voor haar boek Feest van het begin.

- WAAROM HET CHINESE ONDERWIJS ZO GOED PRESTEERT
‘Als je hier een les bijwoont en met het schoolhoofd en de onderwijzers praat, merk je de voortdurende focus op alle beginselen waaraan een goed presterende school moet voldoen. Namelijk: diep overtuigd zijn van het belang van de lerarenopleiding, peer-to-peer-leren en permanente beroepsontwikkeling, hoge betrokkenheid van ouders, een schoolleiding die de hoogste normen nastreeft en een cultuur waarin onderwijzers aanzien genieten.’

Dat is een kerncitaat uit een artikel van Thomas Friedman in de New York Times, in het Nederlands vertaald en op 29 oktober 2013 in de Volkskrant gepubliceerd. De titel is 'Het geheim van het goede Chinese onderwijs? Er is geen geheim'


 

   
   
   
Omhoog ^
Colofon
Bestuur van het Netwerk Didactiek Nederlands:
  • José Vandekerchove, voorzitter
  • Ghislain Duchâteau, vicevoorzitter
  • Carl Brüsewitz, secretaris
  • Nora Bogaert , bestuurslid
  • Jan Lecocq , bestuurslid
  • André Mottart, bestuurslid
  • Jan Uyttendaele, bestuurslid

  • Hugo de Jonghe, erevoorzitter
  • Frans Daems, erebestuurslid

Contributie

- Gewoon lid worden van het Netwerk Didactiek Nederlands kunt u door storting van 20
- Steunend lid zijn kunt u door storting van € 25
op rekening IBAN = BE05 0011 4997 1675; BIC = GEBABEBB van NDN, Wilrijk -

Wie nu lid wordt is dat voor de resterende periode van 2013, maar ook voor het hele jaar 2014.

Donaties zijn heel welkom

 
Redactie van de Nieuwsbrief van het NDN :
Ghislain Duchâteau
Tel. : 0032(0)11/22 86 25
E-post : info@netdidned.be
 
Afmelding
Wie deze nieuwsbrief liever niet ontvangt, kan zich afmelden met een berichtje naar info@netdidned.be