Contact: info@netdidned.be
Correspondentieadres: Netwerk Didactiek Nederlands (NDN): Eendrachtlaan 3 - 3500 Hasselt
Verantwoordelijke uitgever: G. Duchâteau, Eendrachtlaan 3 - 3500 Hasselt
24- 3, april, mei, juni 2012
In deze nieuwsbrief:

NDN-Facebookpagina




Intro
NDN-Conferentie 3-10-12 Arteveldehogeschool Gent
Verslag Netwerkmiddag NDN Taalbeschouwing 14-3-12 Universiteit Gent
Effectmetingen taalbeleid 8-5-2012 KULeuven
Maatschappelijke taalvaardigheid in duet - AKOV - 8-2-2012 Schaarbeek
Herdenking dichteres Wislawa Szymborska, overleden op 1 februari 2012
Vertaalprijs 2012 voor Frans Denissen
Europese literatuur van groot formaat - voor de literaire canon
Correct taalgebruik stimuleren bij proefwerken
Geschiedenis Nederlandse syntaxis v.d.Horst - beoordeling
Kerntaal v.d. onderwijsminister
Recensies Handboek Taalbeleid Secundair Onderwijs Bogaert/V.d.Branden
Recent op website NDN
en NDN-Facebookpagina
 
 
 
Beschikbaar in ons NDN-archief:
 
NDN-Nieuws 24-2
 
NDN-Nieuws 24-1
 
NDN-Nieuws 23-4
 
NDN-Nieuws 23-3
 
NDN-Nieuws 23-2
 
NDN-Nieuws 23-1
 
NDN-Nieuws 22-4
 
NDN-Nieuws 22-3
 
NDN-Nieuws 22-2
 
NDN-Nieuws 21-3
 
NDN-Nieuws 21-2
 
NDN-Nieuws 21-1
 
 
 
Intro
 

L.S.

Net op de drempel tussen paasvakantie en derde trimester van het academiejaar hebben wij voor u allen onze derde editie van de NDN-Nieuwsbrief  klaar en staat hij ter beschikking van onze potentiële lezers. Dat zijn meer dan 280 collega’s uit Vlaanderen en Nederland.

Ook deze keer hebben wij weer voor een veelheid maar ook voor een verscheidenheid van artikels gezorgd. Buiten deze intro zijn het weer 12 artikels geworden, dus heel wat leesvoer voor wie zich binnen de didactiek van het Nederlands beweegt. Aandacht hebben wij in de eerste plaats voor de eigen NDN-activiteiten. Het hemdje is immers nader dan de rok. Dit jaar organiseren we in Gent op 3 oktober 2012 uitzonderlijk een herfstconferentie rond ‘taalontwikkelend lesgeven’. NDN-secretaris Dorothea Van Hoyweghen, projectleidster van het project van didactische filmpjes rond taalontwikkelend lesgeven, dat na twee jaar voorbereiding zijn voltooiing kent, geeft in ons inleidend artikel de nodige uitleg. We verwachten veel collega’s op woensdagmiddag 3 oktober 2012 in de Arteveldehogeschool.

Een verslag over onze Netwerkmiddag op 14 maart aan de UGent met als onvolprezen gastspreker Piet-Hein van de Ven leverde rond de vraag “Van taalbeschouwing naar beter taalgebruik?” heel wat nuttige ideeën op voor het referentiekader van onze druk doende collega’s.
Uittreksels uit de presentatie en de volledig uitgeschreven tekst zijn digitaal beschikbaar.

Verder wisselen didactisch, literair en taalkundig georiënteerde onderwerpen elkaar af.
Toch nog even de aandacht vestigen op de gunstige recensies voor Nederland en voor Vlaanderen van het “Handboek taalbeleid secundair onderwijs” van Nora Bogaert en Kris Van den branden. Ook van de recente berichten op onze Facebookpagina hebben wij in deze editie de onderwerpen onderaan opgenomen. Meer “vrienden” op Facebook zouden wij heel graag verwelkomen.

Nog een fijn afsluitend trimester toegewenst van het academiejaar en ook nog leesopbrengst voor uzelf met deze voorlaatste NDN-Nieuwsbrief van deze jaargang.

Van harte

Ghislain Duchâteau,
voorzitter en redacteur NDN


 
Herfstconferentie Netwerk Didactiek Nederlands op woensdag 3 oktober 2012- Arteveldehogeschool Gent met als thema taalontwikkelend lesgeven
 

De frisheid en aanlokkelijkheid van een lenteconferentie inruilen voor een herfstconferentie: je moet er gek voor zijn … of er echt goede redenen voor hebben. En die redenen hebben de bestuursleden van NDN inderdaad.

Wij laten mooie tradities, onze locatie in de Universiteit van Antwerpen en onze samenwerking met het Centrum voor Nascholing daar zeker niet vallen. We wijken even uit naar Gent omdat wij daar samen met u getuige kunnen zijn en mee de vruchten kunnen plukken van een fraaie samenwerking tussen drie instanties. De Arteveldehogeschool, de KAHO Aalst en Sint-Niklaas en het gewest Oost- en Zeeuws-Vlaanderen van de Orde van den Prince werkten gedurende twee jaar het Project Taalontwikkelend lesgeven uit en presenteren u op 3 oktober vanaf 14.30 u. graag de resultaten. Ook de diocesane begeleidingsdiensten van Antwerpen en Gent leverden een belangrijke bijdrage aan het project.

Enkele auteurs van het ondertussen bekende boek Naar taalkrachtige lerarenopleidingen. Bouwstenen voor taalbeleid vonden dat zij de conclusies van dit werk, nu maar eens moesten omzetten in een echt praktijkgerichte aanpak. Als je ervan overtuigd bent dat iedere docent, iedere leraar ook de niet-taalleraar moet werken aan de taalontwikkeling van studenten en leerlingen dan moet je dat immers ook in de praktijk willen en kunnen omzetten.

Lieve Verheyden van het Centrum voor Taal en Onderwijs van Leuven dompelde in het academiejaar 2010-2011 alle docenten van de twee hogescholen dan ook onder in een krachtige en uitdagende uiteenzetting over taalontwikkelend lesgeven. De Orde van den Prince trad op als sponsor.

Deze actie had zeker een sensibiliserend effect, maar dat volstond voor de organisatoren niet. Zij droomden van een praktijkgericht vervolg in de vorm van vijf instructiefilmpjes, waarin de principes van taalontwikkelend lesgeven voor alle onderwijsniveaus vervat zouden zitten.

Het is dat resultaat dat ze u willen voorstellen op 3 oktober. De conferentie zal de vraag: “Taalontwikkelend lesgeven: hoe doe je dat? “ uitgebreid beantwoorden. Uiteraard presenteren we u eerst een breed kader, maar nadien gaan we over tot het bekijken en vakkundig bespreken van de instructiefilmpjes in goed voorbereide workshops. U krijgt ook inzage in de handleiding bij de instructiefilmpjes. De betrokken docenten van de twee hogescholen zullen zeker aanwezig zijn en hun expertise graag met u delen. U doet er eventueel inspiratie op om met uw hogeschool een gelijkaardig of ander samenwerkingsproject met een gewest van de Orde van den Prince op te zetten.

Wie aanwezig is, kan de filmpjes op eenvoudige vraag voor haar of zijn lerarenopleiding krijgen. Over de voorwaarden om ook de handleiding mee te geven, moeten we nog onderhandelen.

We verwachten u graag op 3 oktober vanaf 14.30 u.  op de tiende verdieping van de campus Kantienberg van de Arteveldehogeschool om uw kennis en uw praktijkervaring bij te spijkeren of te toetsen aan die van de docenten van KAHO Aalst en Sint-Niklaas en van de Arteveldehogeschool. Het uitgewerkte programma wordt begin mei bekend gemaakt.

Dorothea Van Hoyweghen,
NDN-secretaris


De Arteveldehogeschool Campus Kantienberg


___________________________________________________


Verslag Netwerkmiddag NDN ‘Van Taalbeschouwing naar beter Taalgebruik?’
Woensdag 14 maart 2012 Universiteit Gent

 

Netwerkprogramma


13.30 u.


Ontvangst, netwerkmoment

14.30 u.

Presentatie van de werking van het NDN door vice-voorzitter José Vandekerckhove

14.45 u.

'Van taalbeschouwing naar beter taalgebruik?’ door gastspreker Piet Hein van de Ven (didacticus U. Nijmegen)

15.45 u.

Gespreksronde over het thema van de gastspreker

16.15 u.

Borrel en netwerkmoment

Gastspreker was de eminente Nijmeegse didacticus Nederlands Piet-Hein van de Ven, die op bijzonder meesterlijke wijze het thema “Van taalbeschouwing naar beter taalgebruik?” behandelde. Een dertigtal docenten meestendeels uit het hoger onderwijs en de afstudeerstudenten Nederlands van prof. Mottart luisterden geboeid naar de spreker die via een powerpointpresentatie de evolutie van de laatste decennia schetste van het onderwijs van het Nederlands in het Nederlandse taalgebied en meer bepaald hoe het uitgestrekte veld van de taalbeschouwing daarbij zijn functie had. Hij speelde in dat opzicht goed geïnformeerd in op de situatie rond taalbeschouwing en taalbeschouwingsonderwijs in Vlaanderen.

Piet-Hein van de Ven heeft naar ons Netwerk Didactiek Nederlands de uitgeschreven tekst van zijn presentatie toegestuurd. De deelnemers kunnen op die manier als follow-up van de netwerkmiddag naar believen teruggrijpen op zijn visie en op zijn rijk ideeëngoed.

Van taalbeschouwing naar beter taalgebruik?

De opzet van deze tekst is in grote lijnen:

1. Een oriëntatie op doelen en inhouden van de eindtermen taalbeschouwing, als een korte samenvatting van wat ik tegenkwam aan uitgangspunten en doelen.

2. Een korte reactie op basis van een eerste lezing.

3. Een bespreking van de diverse documenten aan de hand van enkele vragen:
3.1 Hoe bied ik deze problematiek aan aan studenten lerarenopleiding?
3.2 Hoe bied ik deze materie aan aan leerlingen?
3.3 Wat zijn de implicaties voor de leraar?

4 Ik eindig met een slotbeschouwing over de kernvraag: leidt taalbeschouwing tot beter taalgebruik?

De meeste aandacht gaat uit naar 3.1: de lerarenopleiding, dit gezien het forum van deze presentatie, het Netwerk Didactiek Nederlands.

Piet-Hein van de Ven

Extracten uit de uitgeschreven tekst van Piet-Hein van de Ven

Om informatief nog een klaardere kijk te verschaffen op de presentatie van de gastspreker op de NDN-netwerkmiddag heeft NDN-bestuurslid Guido Cajot de voor hem meest relevante passages uit de tekst gelicht en samengebracht. Het zijn zelf gekozen tekstgedeelten die naar de mening van onze collega voor lerarenopleiders en beleidsmakers direct relevant kunnen zijn. We verhopen daarmee onze lezers nog meer aan te sporen kennis te nemen van de volledige uiteenzetting van didacticus van de Ven, die toch optimaal tot haar recht komt in haar samenhang en in haar totaliteit.

De extracten vindt u op de NDN-website pagina NDN-Activiteiten:
http://users.telenet.be/ndn//activiteiten.html#NETWERKMIDDAG

De volledige tekst

Klik hier om de volledige tekst te lezen

 


Studievoormiddag effectmetingen taalbeleid – Leuven dinsdag 8 mei  2012

 



De afgelopen jaren hebben heel wat instellingen hoger onderwijs initiatieven op touw gezet om hun taalbeleid vorm te geven. Maar hoe meten we het effect van taalbeleidsacties die genomen worden om de academische taalvaardigheid van de student te vergroten?

De vierde editie van het Vlaams Forum Taalbeleid en Taalondersteuning buigt zich over het thema Effectmeting van taalbeleid. Gastinstelling is het Centrum voor Taal en Onderwijs van de KU Leuven.
Het forum vindt plaats op dinsdag 8 mei 2012 van 9 tot 13 uur in Leuven (Van Den Heuvelinstituut, Dekenstraat 2, lokaal 02.40).

Programma


9 uur

Ontvangst

9.30 uur

Introductie

9.45 uur

Keynote door Luk Indesteege (KHLim)

10.45 uur

Bespreking cases in kleine groepen

12.15 uur

Plenaire afronding door experts

13 uur

Broodjeslunch

Net zoals vorig jaar gaan we in kleine groepen aan de slag met concrete casussen. Je hebt de keuze uit zes casussen:

• Casus 1: Hoe toon je het effect aan van online leermiddelen op de taalvaardigheid van de student?
• Casus 2: Hoe kan je het resultaat meten van werken met een woorddossier?
• Casus 3: Welk effect heeft taalondersteuning bij een bachelorscriptie?
• Casus 4: Hoe meet je het effect van een sensibiliserende taalscreening?
• Casus 5: Hoe achterhaal je de impact van een docententraining 'taalontwikkelend lesgeven'?
• Casus 6: Hoe kom je te weten of taalbeleidsacties rond 'leren noteren' effect sorteren?

Nieuw! Dit jaar ondersteunen experts in effectmeting de gesprekken. Luk Indesteege (KHLim), Dries Berings (HUB), Sven De Maeyer (UAntwerpen), Frederik Maes (KHBO), Elke Peters (Lessius HS) en Kris Van den Branden (KU Leuven) bevestigden hun medewerking.
Meer informatie over de casussen

Inschrijving is helaas op dit ogenblik niet meer mogelijk. Het maximum aantal deelnemers is bereikt.

De Forumorganisatie 2012 Dirk Berckmoes, Guido Cajot, Veerle Demeulenaere, An De Moor, Ilse Mestdagh, Liesbet Raus, Hilde Rombouts, Lieve Verheyden, Joke Vrijders

Acht hogere onderwijsinstellingen participeren in deze organisatie.


Maatschappelijke taalvaardigheid in duet - Een kwaliteitsdebat n.a.v. de peiling Nederlands in de derde graad aso-kso-tso - AKOV -
Schaarbeek 8 februari 2012


Organisatie

AKOV – Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming organiseerde deze conferentie. Het mag terugblikken op een bijzonder geslaagde bijeenkomst van doorgaans experts in het onderwijs van het Nederlands en leraren uit het onderwijsveld zelf. De bijeenkomst was piekfijn en tot in de puntjes verzorgd. Inhoudelijk was ze bijzonder rijk aan ideeën, waarvan er enkele nieuw en substantieel voorkwamen.


Duo's met verschillende invalshoeken

Hilde Vanderheyden en Hannelore Baeyens
Een aandachtig gehoor


Na een zinvolle openingstoespraak door Luc Brion, adviseur van minister Pascal Smet, met o.m. de bevestiging van de betekenis en waarde die de onderwijsminister hecht aan het Standaardnederlands in het onderwijs, gaven Hannelore Baeyens en Hilde Vanderheyden van AKOV toelichting bij de peilingresultaten. Die werden gepubliceerd in de brochure ‘Peiling Nederlands in de derde graad algemeen, technisch en kunstsecundair onderwijs. (http://www.ond.vlaanderen.be/publicaties/eDocs/pdf/451.pdf). Daarna belichtten gemengde duo’s de peilingresultaten vanuit verschillende invalshoeken. Ze waren samengesteld uit een lerarenopleider en een leraar ander vak dan Nederlands, begeleiders uit de onderwijskoepels, een lerarenopleider-taalbeleidscoördinator en een leraar Nederlands, een duo van twee onderwijsinspecteurs en twee leerlingen uit de Vlaamse Scholierenkoepel.

Paul Baeten, leraar KTA1 Diest en
Jan T'Sas, lerarenopleider UA Nederlands
'Taalgericht vakonderwijs'

Erik De Bou, begeleider VSKO Land-en tuinbouw en Marleen Lippens, begeleider VKSO Nederlands, taalbeleid en kso
'Geslaagde transfer via de leerplannen?'


Maggy Dekens, begeleidster POV-OVSG SO en Rand en Taal en Jean-Marie Neven POV-OVSG nijverheidstechnische vakken
'Spreek- en gespreksvaardigheid in het tso'

Inneke Fichefet, begeleidster GO! humane wetenschappen en Personenzorg en Jan Lecocq begeleider GO! Nederlands
'Leerlingenprofiel en verwachtingen in humane wetenschappen'

Hanne Pollet en Elio De Bolle, leerlingen van de Vlaamse Scholierenkoepel
'NEDERLANDS WAT?'



Mark Verheyen, leraar St.-Jozefinstituut Bokrijk en
Guido Cajot, lerarenopleider KHLim

'Taalklaar voor het hoger onderwijs? Naar een geïntegreerd talenbeleid van secundaire scholen en de Katholieke Hogeschool Limburg'


Roger Van den Borre, onderwijsinspecteur talen en
Alex Maes, onderwijsinspecteur hout-bouw
'Trek alle taalregisters open'

Voorbereiding van het debat


Debat

In de namiddag werden de deelnemers verspreid in een aantal groepen van zowat 20 personen. Zij gingen in debat over topica rond het vak Nederlands, Nederlands in andere vakken en op school, leerkansen voor alle leerlingen en andere mogelijke verbeteracties rond het onderwijs Nederlands. De gespreksleider gaf de deelnemers ruim de gelegenheid om in interactie te komen rond dat wat hen bezielde niet enkel m.b.t. de bekende peilingresultaten met hun positieve maar ook negatieve aspecten maar evenzeer rond thema’s als de eindtermen, de leerplannen, de leermiddelen, de didactische aanpak, de lerarenopleiding, de begeleiding en de navorming, de inspectie, het wetenschappelijk onderzoek, het school- en talenbeleid, het overheidsbeleid en structurele hervormingen. De bevindingen met zeker een aantal zinvolle aanbevelingen voor het onderwijsbeleid worden vervat in verslagen die door de ijverige secretarissen van de groepen op de laptop werden vastgelegd. Niet enkel AKOV en de minister, maar ook de deelnemers zelf willen graag kennis nemen van de essentiële bevindingen in eigen groep, maar ook van die uit de andere groepen.


Conferentiebundel


Substantieel ook voor de inhoudelijke opvolging van het gedachtegoed uit de conferentie is de mooie maar ook rijk gestoffeerde conferentiebundel die elke deelnemer vooraf op het internet kon nalezen als voorbereiding, maar evenzeer kan hanteren als hij zich na de conferentie wil verdiepen in een of ander voor hem belangrijk thema of aspect rond de problematiek van het onderwijs Nederlands.




Om daarin een kijkje te gunnen sommen we hier de inhoud op.
- De lees-, luister- en spreekvaardigheid van Vlaamse leerlingen op het einde van het secundair onderwijs: een analyse van Vlaams en internationaal onderzoek.
- Taalgericht vakonderwijs
- Leesplezier
- Taalklaar voor het hoger onderwijs?
- De multimediale context van vandaag en het schoolvak Nederlands – over dragers en beelden
- Een geslaagde transfer?
Het leerplan Nederlands en andere vakken met het studiegebied Land- en Tuinbouw als voorbeeld
- Spreek- en gespreksvaardigheid in tso
- De droom van een tanker (rond taalbeleid in een technisch Atheneum met tso-bso met vooral nijverheidsrichtingen)
- Een ondersteunende rol voor het vak Nederlands in de 3de graad aso Humane Wetenschappen of een gedeelde verantwoordelijkheid
-De rol van het vak Nederlands in de 3de graad Personenzorg van het technisch secundair onderwijs
- Nederlands, ook in het kunstatelier, op het podium
- Iedereen drukt zich op zijn manier uit. Iedereen interpreteert op zijn manier taaluitingen
- “Gelaarsd, gespoord en geletterd” is ook geGOKt! (rond lezen en schrijven als pijnpunten in het hoger onderwijs)
- Wiskunde en taal
- Het project ‘Taalontwikkelend Lesgeven’
- De resultaten van de consultatie na de bekendmaking van de bevindingen uit de peilingen.

Een aantal bijdragen uit de conferentiebundel geven in uitgebreide en verdiepende vorm het gedachtegoed weer van de duo’s die in de voormiddag optraden.

De conferentiebundel is elektronisch te raadplegen zodra hij volledig klaar is: klik hier

Die elektronische versie wordt nog aangevuld met gegevens uit de conferentie zelf. Zo verwachten wij toevoeging van de openingstoespraak van de onderwijsadviseur en de afsluitingstoespraak van de vertegenwoordiger van AKOV zelf, de heer Willy Sleurs. De dag greep plaats onder de bezielende leiding van Hilde Vanderheyden, ondersteund door een toegewijde ploeg van AKOV-medewerkers.


Opvolging van de conferentie


Wat mogen wij verwachten van  het gebruik van de resultaten van deze conferentie?
Enerzijds kan het onderwijsbeleid van het ministerie de bevindingen benutten. Anderzijds kunnen de resultaten bevruchtend werken voor de conferentiedeelnemers maar ook voor wie buiten de conferentie zich wil verdiepen om de adviezen te benutten voor het eigen werkveld in het onderwijs.

G.D.


 

Herdenking Nobelprijswinnares literatuur Wisława Szymborska

 


Speelsheid als afweermechanisme, zou je kunnen zeggen. De
onuitgesproken boodschap – ‘Kijk naar het werk!’ – van een maakster die zelf inderdaad het liefst afwezig zou zijn, is luid en duidelijk.

Geen onredelijke boodschap ook. En dat het associatieve beeld dat John Albert Jansen in zijn documentaire Einde en begin (op DVD) schetst van haar thema’s en de (geschiedenis van) haar woonplaats Kraków meer zegt over haar poëzie dan het schools volgen van een biografische tijdslijn, lijdt geen twijfel. Het is een film die je naar haar verzamelde gedichten doet grijpen. Je ertoe brengt, pakweg, die schitterende elegie voor een dode geliefde ‘Afscheid van een uitzicht’ weer eens te lezen, het aangrijpende Holocaust-gedicht ‘Elk geval’ of de moderne klassieker ‘Uitzicht met zandkorrel’ of het knappe 'Gesprek met een steen'

 

GESPREK MET EEN STEEN

Ik klop op de deur van een steen.
'Ik ben het, doe open.
Ik wil bij jou naar binnen gaan,
overal bij je rondkijken,
met jou mijn longen vullen.'

'Ga weg,' zegt de steen.
'Ik ben hermetisch gesloten.
...

In 1996 kreeg de dichteres de Nobelprijs voor literatuur. Tot dan was ze in het Nederlandse taalgebied nauwelijks bekend. In Polen daarentegen was ze enorm populair. Wij beschikken over de 4e druk uit 2001 van Wislawa Szymborska Einde en begin - Gedichten 1957-1997 - uit het Pools vertaald door Gerard Rasch - Meulenhoff Amsterdam.

In beschouwingen over haar werk wordt erop gewezen dat een van de belangrijkste kwaliteiten van haar poëzie is, dat ze in gewone, voor een breed publiek begrijpelijke taal schrijft over de grote literaire thema’s. ‘Haar denken is complex, maar haar taal is eenvoudig’, zei de Duitse vertaler van haar werk.

Haar gedichten worden vaak omschreven met termen als ‘speels’, ‘ironisch’ en ‘verrassend’. Haar nauwkeurige observaties en de grote beeldenrijkdom zijn ook opvallend.

Ze was een verstokte rookster en overleed op 1 februari 2012 aan de gevolgen van longkanker in de leeftijd van 88 jaar.

EINDE EN BEGIN, EEN ONTMOETING MET WISLAWA SZYMBORSKA, een film van John Albert Jansen

De regisseur kreeg na wat pogingen toch toegang tot haar bij haar thuis. Hij leerde er haar kennen als een even gedistingeerde als schalkse en humoristische oude dame.

'Hij heeft zijn zinnen op
het geluk gezet en op
de waarheid en de
eeuwigheid, kijk hem eens!'

Ook enkele markante persoonlijkheden uit het Poolse culturele leven vertellen over haar. De DVD-film brengt een associatieve reis gebaseerd op een aantal kerngedichten en informele ontmoetingen met de Poolse dichteres. Iin haar gedichten geeft ze op zeer persoonlijke wijze commentaar op de Poolse geschiedenis. Hij biedt een unieke inkijk in haar leven en werk. 

Om de film van zowat 55' te bekijken klik hier

Postuum

- Dichteres-Nobelprijswinnares Szymborska overleden‎ Knack.be
- Poolse Nobelprijswinnares Szymborska overleden De Standaard.be
- Poolse dichteres Wyslawa Szymborka (88) overleden Historiek.net (met de video Einde en begin 55')
- Afscheid van Wyslawa Szymborka SDL 3-2-2012
- Nobelprijswinnaar Szymborska dood NOS.nl
- Fragmenten uit de documentaire Einde en begin 13' 43"
(14 juni 2011 uitgezonden Ned. Het uur van de wolf VPRO)



Frans Denissen kreeg prestigieuze Martinus Nijhoffvertaalprijs 2012

 

Na Paul Claes is Frans Denissen de tweede Vlaamse literaire vertaler die de Martinus Nijhoffprijs voor
vertalingen in de wacht sleept.

Het Prins Bernhard Cultuurfonds kende de Martinus Nijhoffprijs voor Vertalingen 2012 toe aan Frans Denissen. Hij ontvangt deze prijs van 35.000 euro voor zijn vertalingen van Italiaanse literatuur naar het Nederlands. De uitreiking vond plaats tijdens de landelijke vertaalmanifestatie ‘Nederland Vertaalt’ op 25 februari 2012.

In het juryrapport staat te lezen: "Uit het vertaalwerk van Frans Denissen spreekt, behalve zijn precieze kennis van het Italiaans in al zijn jargons, registers en dialecten, ook zijn onmiskenbare schrijverschap. Hij weet aan de Nederlandse taal een buitengewone rijkdom en soepelheid te verlenen. Vanwege zijn zorgvuldig opgebouwde vertaaloeuvre, waarin de vertaler zich volledig heeft gericht op buitengewone literaire kwaliteit, heeft de jury van de Martinus Nijhoff Prijs unaniem besloten Frans Denissen aan te bevelen bij het bestuur van het Cultuurfonds, voor toekenning van de Martinus Nijhoff Prijs 2012."

Vlaamse vertalers klagen dat ze in Nederland niet aan de bak komen omdat uitgeverijen daar alleen het Nederlands van de Randstad accepteren. Ook in academische kringen hoor je steeds vaker pleidooien voor een grotere tolerantie tegenover de Zuid-Nederlandse taalvariant. Hoe denkt u daarover?

Denissen
: Elk taalgebied heeft een ‘spraakmakende gemeente’, waar de taalnorm groeit en evolueert. Voor het Nederlands is dat nu eenmaal de Randstad. Dat is geen kwestie van een waardeoordeel. Dat is gewoon een vaststelling. Ik vind dat Vlaamse vertalers vaak nogal makkelijk klagen. Ik heb mezelf al vrij vroeg rekenschap gegeven van het feit dat ik aan mijn Nederlands moest werken om als literair vertaler aan de slag te kunnen. Als je je vertaalactiviteit tot Vlaanderen beperkt, dan weet je dat je vertalingen nauwelijks de grens over komen. Vlaamse boeken worden niet verkocht in Nederland. En driekwart van het lezerspubliek zit wel degelijk in Nederland. Ze hebben niet alleen een veel grotere bevolking, ze lezen ook nog eens veel meer. Dat is statistisch bewezen. Bovendien heb ik toch altijd moeten vaststellen dat je veel professioneler begeleid wordt bij Nederlandse uitgevers dan bij Vlaamse. De Nederlanders hebben al sinds 1973 een modelcontract voor literaire vertalingen. We zijn nu 2011 en de Vlaamse uitgevers zijn er nog altijd niet uit of ze zo’n modelcontract zullen invoeren. Sorry, dan is de keus gauw gemaakt.

Uit een interview dat Joost Albers afnam van Frans Denissen – Knack 27 mei 2011.

Lees hier meer over het letterkundig werk en over de vertalingen van Frans Denissen

 

Een heel programma voor literatuurlessen rond Europese literatuur van groot formaat – een zinrijke vulling van de literaire canon

 

Uit:
Grenzen aan tolerantie?
Anatomie van de open samenleving


Frank Fleerackers en Hans Verboven (red.)

VIVAT – Jaarboek van het Verbond der Vlaamse Academici (VVA) 2011

Deel 2. GRENZEN AAN TOLERANTIE? – EEN MODUS VIVENDI VOOR EEN OPEN SAMENLEVING

NORMATIVITEIT EN TOLERANTIE. PLEIDOOI VOOR EEN EUROPESE WAARDECODEX   -   Hans Verboven

Normativiteit

p. 86

Het opstellen van een waardecodex mag niet beperkt blijven tot wollige verklaringen (vision statements in de bedrijfswereld). Het mogen geen naïeve ‘phantasy documents’ (Furedi) zijn maar ze moeten afdwingbaar karakter hebben. We denken hier in de richting van het sociale contract. Deugden (of waarden) zijn particuliere eigenschappen, maar kunnen op gemeenschappen overgedragen worden. In de toestand van de natuur maken deugdelijke individuen geen kans, de ondeugd wint. Vanuit een utilitaristische rekensom gaan de individuele preferenties (‘volonté de tous’) over in de ‘volonté générale' (Rousseau). Dat is al een goede start voor een ethisch burgerschap. Burgerschapscursussen die immigranten onze westerse waarden en normen bijbrengen zijn nodig. Maar ook de autochtone bevolking heeft er nood aan. En daar schiet het onderwijs schromelijk tekort. De focus op het aanleren van vaardigheden en attitudes bij jonge mensen (vooral de attitude assertiviteit) maakt hen echt niet tot betere mensen. Geef studenten kernteksten uit de grote Europese literatuur die de meesterlijke worsteling van het individu met de schepping tonen. Laat ze Antigone, Faust, Tonio Kröger en Candide lezen. Laat ze de schoonheid van de antieke oudheid door de reisverhalen van Bertus Aafjes kennen, laat ze het dagboek van een dorpspastoor lezen, laat ze lezen over de kampen met Solzjenitsyn, laat ze kennismaken met het onschuldige gemoed van Anne Frank, laat ze Demonen of Brideshead Revisited lezen, de verhalen over de Peloponnesische Oorlog, laat ze vooral ook – in elk schoolnet – de Bijbel lezen. Eberhard von Gemmingen SJ opperde onlangs de moedige idee om drie christelijke teksten tot UNESCO werelderfgoed uit te roepen: de Decaloog, het Onze Vader en de zaligsprekingen van de Bergrede.* We volgen hem daarin.


*
Eberhard von Gemmingen SJ, Religion ist die Mutter der Kultur. In: Academia. Jaargang 104, 4/2011. Bad Honnef. P.12.


Een zinrijke vulling van de literaire canon

Antigone (Gr. Aντιγόνη) is een klassieke tragedie van de dichter/tragicus Sophokles over Antigone uit de Griekse mythologie. Het motto van het stuk: om gelukkig te worden moet je verstandig handelen (maar wat is verstandig handelen...) en de goden niet tarten (maar wat is de goden tarten...). Het centrale thema van het stuk: Het individuele geweten versus de staatswetten; de morele of goddelijke wetten versus de menselijke wetten. (Wikipedia)

Faust (Goethe)
Faust is, als personage en als boek, of door beide, een begrip geworden als de persoon die een weddenschap met de Duivel sloot. Het boek ontleent zijn apotheose aan de christelijke traditie. Faust wil beschikken over een superieure kennis, die eigenlijk aan geen mens toebedeeld zou mogen worden, althans naar de mening van God. Faust sluit een pact met de Duivel en geniet enige jaren (van zijn) bovenmenselijke krachten. Faust heeft in de wonderschone Helena van Troje de mooiste vrouw ter wereld gevonden, tot de Duivel op een moment beslag komt leggen op Fausts ziel, overeenkomstig hun eerder gesloten pact.
De betwistbare maar gelijktijdig ergens onmiskenbare essentie van het verhaal is dat eenieder die superieur (in kennis) aan de Schepper probeert te zijn, dit met zijn ziel moet bekopen. (Wikipedia)

Tonio Kröger (Thomas Mann)
The narrative follows the course of a man's life from his schoolboy days to his adulthood. The son of a north German merchant and an Italian artist, Tonio inherited qualities from both sides of his family. As a child, he experiences conflicting feelings for the bourgeois people around him. He feels both superior to them in his insights and envious of their innocent vitality. This conflict continues into Tonio's adulthood, when he becomes a famous writer living in southern Germany. "To be an artist," he comes to believe, "one has to die to everyday life." These issues are only partially resolved when Tonio travels north to visit his hometown. While there, Tonio is mistaken for an escaped criminal, thereby reinforcing his inner suspicion that the artist must be an outsider relative to "respectable" society. As Erich Heller —who knew Thomas Mann personally— observed, Tonio Kröger’s theme is that of the "artist as an exile from reality" (with Goethe’s Torquato Tasso (1790) and Grillparzer’s Sappho (1818) for company).[1] Yet it was also Erich Heller who, earlier, in his own youth, had diagnosed the main theme of Tonio Kröger to be the infatuation and entanglements of a passionate heart, destined to give shape to, intellectualize, its feelings in artistic terms.[2]
(Wikipedia)

Candide, ou l'optimisme is een literair-filosofisch en humoristisch verhaal van Voltaire, geschreven in 1759. Het is een satire op de ideeën van de Duitse filosoof Leibniz[1] wiens optimistische levensvisie ("Dit is de beste van alle mogelijke werelden") door Dr. Pangloss wordt verwoord en door Voltaire genadeloos op de korrel wordt genomen. …
In dit verhaal bekritiseert Voltaire het optimisme en de religie. Het optimisme wordt verpersoonlijkt door de figuur Pangloss (die model staat voor de filosofie van Leibniz of zelfs voor Leibniz zelf) en het pessimisme door Martin. Voltaire drijft de spot met de leer van de filosoof Leibniz, deze houdt vast aan het principe dat deze wereld de beste van alle mogelijke werelden is. Voltaire weet wel beter: er is namelijk overal in de wereld ellende, oorlog en armoede. Door het verhaal heen wordt Candide ook steeds wijzer en ziet steeds meer in dat zijn leermeester Pangloss het niet bij het juiste eind had.

Reisverhalen van Bertus Aafjes
In 1946 schreef hij "Een voetreis naar Rome", een romantisch-poëtisch reisverslag, waarmee hij nationale bekendheid verwierf. In 1953 verscheen "De karavaan", voorlopig zijn laatste dichtbundel, nadat hij zich negatief had uitgelaten over de Vijftigers. Hierna legde hij zich toe op reisbeschrijvingen, voornamelijk van de Middellandse Zee-gebied. Onder andere schreef hij "Capriccio Italiano", een autobiografisch verslag geschreven tijdens zijn korte archeologische studie in Rome, en "Goden en eilanden". Hierin wordt een reis door Griekenland beschreven aan de hand van Homerus' Odyssee, dat hij in 1964 vertaalde.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Bertus_Aafjes

Dagboek van een dorpspastoor (1936), roman van Georges Bernanos
meesterlijk verfilmd door Robert Bresson
http://www.huubmous.nl/2010/09/19/god-zal-u-breken/

Vooral Journal d'un curé de campagne, (1950), naar de sterkste en de meest ongekunstelde roman die George Bernanos schreef, blijft een meesterwerk van de religieus geïnspireerde film. Een Franse dorpspastoor die erfelijk is belast door het alcoholisme van zijn ouders, wordt uitgedaagd door rationalistische parochianen en een paar hysterische vrouwen.Het verhaal is op een onverbeterlijke wijze naar het witte doek vertaald. Beter dan de romans van Mauriac, Bernanos of Julien Greene geeft Bresson in dit Dagboek van een dorpspastoor weer wat het Frans intellectueel katholicisme betekende in de jaren vijftig. De prent kreeg niet minder dan acht internationale prijzen.
http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=DSFL23121999_001


Solzjenitsyn
Voor zijn gehele oeuvre ontving de schrijver in 1970 de Nobelprijs voor de Literatuur. Dankzij zijn monumentale werk De Goelag Archipel (verschenen in Parijs tussen 1973 en 1975) kon de buitenwereld kennisnemen van de werkkampen in de Sovjet-Unie, de Goelag. Overigens had hij al in Een dag uit het leven van Ivan Denisovitsj over de goelag geschreven en nog eerder (in 1951) had Gustaw Herling-Grudziński over zijn ervaringen in de goelag geschreven.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Een_dag_uit_het_leven_van_Ivan_Denisovitsj
http://nl.wikipedia.org/wiki/Goelag_archipel

Het achterhuis van Anne Frank, dagboek
Anne Frank schreef haar dagboek in de vorm van brieven aan een fictieve vriendin Kitty. Ze schreef: 'Ik zal hoop ik aan jou alles kunnen toevertrouwen, zoals ik het nog aan niemand gekund heb, en ik hoop dat je een grote steun aan me zult zijn.'
Nadat de schrijfster en haar familie verraden waren en gedeporteerd, heeft helpster Miep Gies de dagboekpapieren bewaard. Alleen Annes vader Otto overleefde het vernietigingskamp; Gies gaf het dagboek na de oorlog aan de vader van de schrijfster. Otto Frank redigeerde de tekst en/of liet dat door anderen doen. Hij publiceerde het boek in 1947 onder de titel Het Achterhuis. Het is sindsdien een van de meest gelezen boeken ter wereld geworden.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Anne_Frank
http://nl.wikipedia.org/wiki/Het_Achterhuis_(dagboek)

De demonen (Boze geesten), roman  van Fjodor Dostojevski uit 1872
Het verhaal speelde zich af in een provinciestad in de omgeving van Sint-Petersburg. De vernieuwers van de oude generatie, Stepan Verchovenski en Varvara Stavrogina, hadden hun vroegere idealen achter zich gelaten en vielen terug op een burgerlijk leven. De vlam sloeg in de pan toen de vernieuwers van de jonge generatie, Pjotr Verchovenski, Nikolai Stavrogin en Ivan Sjatov, in de stad aankwamen, want er was onenigheid geweest in het Genootschap van de socialistische revolutionairen. Dostojevski liet niet na om de intellectuele vernieuwing in een negatief daglicht te stellen en te zweren bij het traditionele Rusland. …
Een stervende Stepan Verchovenski verwees naar een passage uit het evangelie van Lucas (Lc 8,26-39) waarin Jezus een bezetene genas. Jezus dreef de boze geesten van een man uit naar een kudde zwijnen; de zwijnen stormden het meer in en verdronken. Volgens Stepan hadden er zich sinds eeuwen demonen opgehoopt in zijn dierbaar Rusland. Maar God zou het land zegenen en alle demonen zouden in de zwijnen varen. Het waren de vernieuwers zoals hijzelf die zich van de rotsen zouden storten en allemaal verdrinken. Het zieke Rusland zou genezen en aan de voeten van Jezus gaan zitten.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Boze_geesten

Brideshead Revisited, roman van Evelyn Waugh uit 1945
Het boek handelt over hoe de Goddelijke barmhartigheid inwerkt op een groep van zeer verschillende personages die nauw met elkaar verbonden zijn[1]. Het verhaalt over de lotgevallen van het fictieve personage Charles Ryder, die betrokken raakt bij een katholieke aristocratische familie.
Brideshead Revisited is ook een film uit 2008 onder regie van Julian Jarrold naar het boek van Evelyn Waugh.
De film die zich afspeelt in de periode van voor de Tweede Wereldoorlog, richt zich op verboden liefdes en het verliezen van onschuld. Op de universiteit van Oxford ontmoet Charles Ryder medestudent Sebastian Flyte. Sebastian is de zoon van Lord Marchmain en hij neemt Charles mee naar het familielandgoed Brideshead. Charles raakt gefascineerd door de extravagante levensstijl van de mensen uit de Britse bovenklasse en verliest zich er al snel in. Hij ontdekt dat de Marchmains veel persoonlijke problemen hebben en raakt zelf ook betrokken in het tragische lot van de familie wanneer hij een affaire krijgt met Lady Julia. De familieleden zijn overtuigde katholieken, maar krijgen te maken met Sebastians homoseksualiteit en alcoholisme en het atheïsme van Charles.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Brideshead_Revisited_(film)

De Peloponnesische Oorlog (431 - 404 v.Chr.) was een strijd tussen de oude stadstaten Athene en Sparta, de twee grootmachten van het Griekenland van die tijd. Het was een lange en afmattende oorlog (met onderbrekingen af en toe) tussen beide Griekse grootmachten, de aristocratische oligarchische landmacht Sparta en de democratische zeemogendheid Athene, elk met haar bondgenoten. Omdat geen enkele Griekse stadstaat in deze oorlog neutraal en afzijdig kon blijven, kan men dit conflict gerust een kleine "(Griekse) wereldoorlog" noemen. Na afloop van de oorlog kwamen beide partijen zo verzwakt uit de strijd, dat zij geen van beide ooit nog hun vroegere grootheid konden terugwinnen.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Peloponnesische_Oorlog
Thucydides was een van de opmerkelijkste, maar ook een van de taaist schrijvende historici van de Oudheid. Het is geen sinecure om zijn compacte Grieks in het Nederlands om te zetten. De jongste vertaling van Thucydides' vertoog over de Peloponnesische oorlog klinkt eigentijds,…


De Decaloog of De Tien Geboden
http://www.rkdocumenten.nl/rkdocs/index.php?mi=600&doc=1&id=1329

De Bergrede
Ze is volgens de christelijke overlevering de rede of onderwijzing van Jezus Christus gehouden op een berg. De Bergrede wordt zowel beschreven in het Evangelie volgens Matteüs (Mat. 5-7) als in het Evangelie volgens Lucas (Luc. 6: 17-49). De Bergrede bestaat uit de zaligsprekingen, de weespreuken en enkele praktische leefregels. …
De Bergrede begint met de acht zaligsprekingen. Jezus neemt het op voor de armen en de zwakkere mensen en spreekt hen zalig (spreekt uit dat hun positie een zegen is, gezien het gevolg van die positie). In Lucas volgen er op de zaligsprekingen de zogenaamde weespreuken. De weespreuken roepen de mensen die onrecht doen op om recht te doen. Daarna volgen er praktische leefregels. Mensen worden opgeroepen om, in navolging van God en Christus, barmhartigheid te doen, goede werken en daden te verrichten zonder er iets terug voor te verwachten, ruzies en meningsverschillen bij te leggen, geen echtbreuk te plegen, niet te zweren of een eed af te leggen, geen kwaad met kwaad te vergelden, iets uit te lenen zonder iets terug te verwachten, een pacifistische houding te tonen, lief te hebben in plaats van te haten, te bidden en vasten, aalmoezen te geven, iemand niet te veroordelen, zich niet te veel te bekommeren om aardse zaken, zich niet schijnheilig te gedragen en om standvastig in het geloof te staan, enz.

Correct taalgebruik stimuleren tijdens de proefwerken
 

Vlak voor de Kerstvakantie 2011 ontspon zich op de mailinglist Nederlands van Kennisnet een interessante discussie onder docenten over de inbreng in de beoordeling van spel- en taalfouten bij de proefwerken.

Wij laten onze lezers-lerarenopleiders meegenieten en mee reflecteren aan de hand van de bijdragen op de mailinglist. We plaatsen de berichten wel in chronologische volgorde, waar ze in volgorde op de lijst omgekeerd verstuurd werden


Van: Veys Elien [mailto:elienveys@yahoo.com]
Verzonden: maandag 19 december 2011 17:13
Aan: list-nederlands@digischool.nl
Onderwerp: [list-nederlands] Correct taalgebruik stimuleren tijdens de proefwerken

Collega's

Bij ons op school (secundair - 1ste en 2de graad - aso en tso) zijn we met de werkgroep 'taalbeleid' op zoek naar een goede manier om de leerlingen tijdens hun proefwerken stil te laten staan bij hun taalgebruik. Wat we nu doen, is op het einde van elk examen (zowel Nederlands als andere vakken) een kadertje invoegen waarbij ze een viertal zaken moeten aanvinken (bv: Ik noteerde een hoofdletter bij het begin van elke zin). De bedoeling is goed, maar we merken dat er maar zeer weinig leerlingen zijn die het ook effectief toepassen (de meesten vinken snel alles aan, zonder te controleren). Ik hoorde dat men in andere scholen soms volgende strategie toepast: per proefwerkperiode kiest men een willekeurig vak (bv: geschiedenis), waarbij men (bijvoorbeeld) 10 punten gaat geven op het taalgebruik (op een deel van dat examen). Die 10 punten tellen mee als schrijfvaardigheid voor het vak Nederlands en hebben dus geen invloed op de punten van het vak geschiedenis. De leerlingen zullen bijgevolg bij elk examen een beetje langer stilstaan bij hun taalgebruik (want zij weten niet welk vak er zal meetellen). Ik vind dit idee uitstekend, alleen lijkt het mij nogal onpraktisch ... Wie verbetert de proefwerken (lkr Nederlands lijkt mij het meest logische)? Maar dan zit je met het probleem van proefwerken doorgeven en (soms) tijdsgebrek. Misschien heeft iemand van jullie hier ervaring mee, of een ander (beter) idee?

Alvast bedankt!

vriendelijke groeten

Elien Veys

Elien Veys   |   Hugo Verriestlaan 91 - 8500 Kortrijk |   0498/49 79 64




----- Original Message -----
From: J.N. de Wildt - Rentier
To: Veys Elien ; list-nederlands@digischool.nl
Sent: Tuesday, December 20, 2011 3:04 PM
Subject: RE: [list-nederlands] Correct taalgebruik stimuleren tijdens de proefwerken

Beste Elien,

De meeste collega’s bij mij op school zagen het niet zitten taal onderdeel van hun SE’s te laten zijn. Simpelweg omdat overheid het (nog) niet eist en ze denken dan niet meer te toetsen wat ze willen toetsen. Wel geeft iedereen de fouten aan op het papier van de leerling. Fouten worden wel (per twee fout -1/4 met max. -1/2) afgetrokken bij verslagen, schrijfopdrachten etc. Niet iedereen is even alert natuurlijk, maar hopelijk gaat het werken. We hebben de collega’s voorzien van een document met eisen aan presentaties, verslagen, samenvattingen, artikelen etc. inclusief beoordelingsformulieren. Daar is veel vraag naar en het wordt ook goed gebruikt. Op die manier speelt ook taal een grotere rol bij alle vakken en stellen zij betere taaleisen aan de werkstukken/presentaties. Bovendien helpt het ons de doelen van 2014 te halen.
Bij Nederlands hebben we vanaf klas 1 in hv en in mindere mate in vmbo de regel dat per spelfout en interpunctiefout (bovenbouw ook stijlfouten) 1/4 van het behaalde cijfer afgaat met een maximum van 1 hele punt. Dit werkt in elk geval en is haalbaar.

Met vriendelijke groet,

J.N. de Wildt - Rentier
Docent


Gomarus - www.gomarus.nl

Postbus 425, 4200 AK  Gorinchem
Hoefslag 11, 4205 NK  Gorinchem
tel. (0183) 61 03 61 http://images.gomarus.nl/media/view/4613/punt.jpgwww.gomarus.nl




Van:
Carl Kasten [mailto:ckasten1@wanadoo.nl]
Verzonden: woensdag 21 december 2011 20:53
Aan: J.N. de Wildt - Rentier; Veys Elien; list-nederlands@digischool.nl
Onderwerp: Re: [list-nederlands] Correct taalgebruik stimuleren tijdens de proefwerken

L.S.,

Zolang collega's uit andere vakgebieden grossieren in taalfouten is een breed uitgevoerd/gedragen taalbeleid een illusie. Regelmatig worden die collega's door de leerlingen verbeterd.

Bij Nederlands werken we wel met een aftrek voor spel- en taalfouten. De leerlingen calculeren de maximale aftrek echter in............

Mvg,

Carl Kasten
Gymnasium Haganum


Beste mensen,

Wanhopig word ik van de spel- (en vooral) taalfouten van mijn leerlingen. Ik wil er graag iets aan doen, ook schoolbreed, maar ik weet nog niet wat.

Wat ik mijn collega’s (op termijn) wil voorstellen is: streep fouten aan als je ze toevallig ziet. Dat maakt leerlingen in elk geval bewust van hun fouten. Meer wil ik niet van hen vragen. Ook van mijzelf niet. Hoe iemand het voor elkaar krijgt om bij alle proefwerken een aftrekregeling voor taal-, spel- en interpunctiefouten aan te houden, begrijp ik niet. Mij kost zo’n aftrekregeling vijf à tien minuten extra per blaadje. Of bij een eenvoudig proefwerk een half uur. Anders werkt hij niet eerlijk. Mijn ervaring is dat je bij bepaalde handschriften sneller de fouten ziet. Op andere momenten ben je weer te veel met de inhoud aan het worstelen om Iets anders is, dat je met zo’n regeling eerder de goede spellers frustreert, dan de slechte spellers aanzet zich te verbeteren. Zelfs voor de eersten is het vrijwel onmogelijk om te winnen van een echt kritisch rood potlood, dus voor de tweeden is het onbegonnen werk (bij ons heeft vrijwel iedereen altijd de maximale aftrek). Daar hoeven ze zich dus niet op te richten. Los daarvan: zo’n aftrekregeling houdt nooit rekening met het niveau van formuleren, noch met de hoeveelheid geproduceerde tekst. Kortom: uitgebreid antwoorden, in woorden en zinnen van niveau wordt bestraft.
Een aftrekregeling kost dus veel tijd, is oneerlijk, en werkt niet of averechts. Er zijn slechts twee voordelen: leerlingen ZIEN wat ze fout doen, en de leraar heeft het gevoel dat hij er iets aan doet.

Hoe het wel moet, ik ben er nog niet uit. Met aftrekregelingen een aantal fouten vrijstellen. Dan weet je dat je in elk geval niet ELK blaadje helemaal drie keer hoeft door te vlooien en raak je alleen de echt slechte spellers. Verder breek ik mij het hoofd op een manier om leerlingen betere zinnen te laten maken, zonder dat ik nog meer vakantiedagen en vrije avonden opgeef met nakijkwerk, nakijkwerk en nog eens nakijkwerk. Ik zet er een paar aan muiswerk. Het zal mij benieuwen wat dat oplevert.

Gisteren trouwens een mooi relativerend bericht gelezen in Tekstblad. Er is onderzoek gedaan naar het effect van spelfouten in commerciële brieven en sollicitatiebrieven op de receptie ervan. Wat blijkt: bij goede spellers valt een brief met fouten niet zo goed, bij de overgrote meerderheid van het Nederlandse volk juist wel. Bij hen wekt een perfecte brief wantrouwen. Goede spellers hebben minder problemen met fouten, als het om sollicitatiebrieven gaat. Ik ga er maar van uit dat het om kleine fouten ging.

O ja, en hebben jullie de spelfout gezien in de citaten die Lexima citeerde uit de brief van de minister over dyslexie? Zou die ook in het origineel hebben gestaan?

Prettige feestdagen,

Yke Schotanus

23-12-11 12:04



Het laatste woord is daarover nog niet gezegd of geschreven.
Reacties van de lezers van deze Nieuwsbrief zijn heel welkom.

info@netdidned.be


J.M. van der Horst, Geschiedenis van de Nederlandse Syntaxis. 2 dln. Leuven: Universitaire Pers Leuven, 2008. – 2014 pp. Isbn 978 90 5867 646 7.

Beoordeling door Hedde Zeijlstra

in het Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde
 

Majeure contributie aan het vakgebied

De enorme arbeid die aan een dergelijk werk ten grondslag moet hebben gelegen is buitengewoon indrukwekkend en lijkt bijna ondoenlijk. Gelukkig heeft Van der Horst zich er toch aan gewaagd. Alleen al daarom verdient Van der Horst alle lof voor deze majeure contributie die hij hiermee aan het vakgebied heeft geleverd.

De Nederlandse zinsbouw diachronisch benaderd

In Geschiedenis van de Nederlandse Syntaxis worden in helder en direct proza nauwgezet de meeste verschijnselen besproken die zich hebben voorgedaan in de geschiedenis van de Nederlandse zinsbouw en dit werk vormt dan ook bijna verplichte kost voor iedereen die verder de diachronie van een bepaald taalaspect wil bestuderen en/of verklaren.

Voorziet in een grote behoefte voor historische syntactici

Desalniettemin moge duidelijk zijn dat ondanks enkele kritische noten (die onvermijdelijk opkomen bij een dergelijk ambitieus project) Van der Horst heeft voorzien in een grote behoefte voor iedereen die zich met historische syntaxis bezighoudt: het geven van een duidelijk en overzichtelijk naslagwerk over de geschiedenis van de Nederlandse zinsbouw dat hopelijk de opmaat vormt tot veel meer onderzoek naar diachrone syntaxis.

http://maatschappijdernederlandseletterkunde.nl/tntl/126/126-1/zeijlstra.pdf




En de kerntaal van de (onderwijs)minister? (2.4)

 

"In dit kader van de opbouw van het onderwijshuis wordt het beleid van de minister netjes gesitueerd. Hij bepaalt de algemene voorwaarden, niet de pedagogische waarden. Hij controleert via de inspectie, waarbij gelet wordt op mogelijke misbruiken. Die controle omvat ook het naleven van de door het parlement bekrachtigde minimale inhouden. De minister brengt ook jaarlijks verslag uit over de resultaten. Welke resultaten? Hij subsidieert volgens het principe: zoveel ingeschreven leerlingen zoveel aan financiële middelen. Tot zijn kerntaak behoort niet het opleggen van een jaarklassensysteem, want pedagogisch niet neutraal.

De minister let bijzonder op zijn taalgebruik: niet de taal van de zogenaamde onderwijskunde, maar ook niet deze van de onderwijspedagogiek. Wel de gewone taal die dicht aanleunt bij de ‘common sense’.

De meest gelukkige minister van onderwijs is deze die ‘niets doet’, maar die dagelijks kan vaststellen dat zijn indirect algemeen beleid vele vruchten afwerpt. Wat is er mooier dan vast te stellen dat het in alle scholen bijzonder boeiend aan toe gaat en dat ook de leraren zich echt mogen emanciperen? Wat in de klas gebeurt, daar komt het op aan, met name leraren die zich in vrijheid mogen ‘uitleven’ ten bate van de zelfvorming van hun leerlingen. Het gaat uiteindelijk om de ware belangen van elk kind.

Ten slotte geven we graag volgende suggestie: het zou heel belangrijk zijn als de minister af en toe tijdens een schoolbezoek een volledige les van een leraar bijwoont en deze les achteraf met de betrokkene bespreekt. Zo’n directe dialoog minister – leraar kan gevolgen hebben voor zijn beleid om zeker geen leraarsonvriendelijke maatregelen te treffen."

Valeer Van Achter,
Afgevaardigd Bestuurder van DIROO*

in Forum 164 (van DIROO) blz. 3-4 van 28-2-2012


* DIROO: Dialoogcentrum in Reflectie op Opvoeding en Onderwijs

Handboek Taalbeleid Secundair Onderwijs - Kris van den Branden en Nora Bogaert (juni 2011) - recensies

 


Uitgeverij Acco publiceerde in juni 2011 het ‘Handboek Taalbeleid Secundair Onderwijs’ van de hand van  Kris van den Branden en Nora Bogaert.

Het verscheen na het ‘Handboek Taalbeleid basisonderwijs’, na 'Taalbeleid in het hoger onderwijs: de hype voorbij?' beide Acco-uitgaven en na ‘ Naar taalkrachtige lerarenopleidingen: Bouwstenen voor taalbeleid’ bij Plantyn.

In de NDN-Nieuwsbrief 23-4 van juli-september 2011 vestigden wij al voluit de aandacht op deze fundamentele publicatie rond taalbeleid in het onderwijs.

De auteurs brengen in dit boek alle belangrijke informatie over taalbeleid op de secundaire school bijeen. Hoe kan je de taalontwikkeling van leerlingen in de verschillende studierichtingen stimuleren? Hoe omgaan met taal in alle vakken? Hoe taalcompetenties opvolgen en evalueren? Hoe schrijf je een taalbeleidsplan? En hoe werk je met een team dat taalbeleid uit?

Zie de Inhoudsopgave [PDF]

Op de pagina Publicaties van de NDN-website nemen we de basisboodschap over taalbeleid op school over zoals de beide auteurs die voor ogen hebben.

Intussen zijn er drie recensies verschenen over dit fundamenteel werk rond taalbeleid op voortgezet of secundair niveau in het onderwijs.

In Les, Nederlands Tijdschrift voor het onderwijs aan anderstaligen nr. 175 van februari 2012 zijn gelijktijdig twee recensies verschenen over het handboek. De eerste onder de titel "Handboek taalbeleid secundair onderwijs deel I - Taal is de zuurstof van het onderwijs" is van de hand van de Vlaamse recensent Dirk Eggermont. Hij is over de hele lijn vol lof over het handboek. We citeren zijn besluit. 'Als besluit mogen we stellen dat dit handboek een heel volledig en nauwkeurig gestructureerd beeld schept van het Vlaamse secundaire onderwijs. Het is een handig en functioneel service instrument voor zowel studenten vakdidactiek in de lerarenopleidingen, als voor ervaren docenten. De praktijkvoorbeelden en suggesties voor werkvormen, lessen en projecten zijn uitermate inspirerend voor wie bewust stil wil staan bij de taalontwikkeling van alle leerlingen op school.'

Daarop volgt de bespreking "Handboek taalbeleid secundair onderwijs, deel 2" van de Nederlandse didactica Christel Kuijpers. Zij gaat na in hoeverre de beschreven Vlaamse ervaringen ook bruikbaar zijn voor wie in Nederland taalbeleid binnen het vo (zullen) formuleren, uitvoeren, begeleiden en/of evalueren. Zij volgt grotendeels de beschouwingen van haar collega Dirk Eggermont, maar zij vindt het werk niet echt geschikt om te gebruiken in de lerarenopleidingen in Nederland. Dat is wel het geval voor haar Nederlandse collega's-didactici zelf. Het boek biedt volgens haar een compleet overzicht van bouwstenen en procesbeschrijvingen van fasen van taalbeleid, dat ook te koppelen is aan het vo en het mbo in Nederland.

In Levende talen, tijdschrift 13e jg. nr. 1 van april 2012 onder GESIGNALEERD blz. 45-47 recenseert Teun Meestringa het Handboek Taalbeleid Secundair Onderwijs.
De recensent vertrekt van de brede definitie van taalbeleid uit het eerste hoofdstuk van waaruit in het handboek wordt gewerkt: “de structurele en strategische poging van een schoolteam om de onderwijspraktijk aan te passen aan de taalleerbehoeften van de leerlingen met het oog op het bevorderen van hun schoolresultaten”.  Verder geeft hij een volwaardige beschrijving van de hoofdstukken in de twee delen “Bouwstenen van taalbeleid” en “Processen van taalbeleid” van de inhoud van dit handboek.  Graag citeren we hier de afrondende beoordeling van Teun Meestringa van het werk van beide Leuvense didactici:
“Bogaert en Van den Branden hebben een omvattend handboek opgeleverd dat rijk is aan voorbeelden met talloze bruikbare tips en suggesties, die ook voor de Nederlandse situatie relevant kunnen zijn. Vooral het tweede deel over het proces van taalbeleid voorziet m.i. in een behoefte. En als naslagwerk is het zeker een aanwinst. De bruikbaarheid in Nederlandse begeleidings- en scholingssituaties wordt echter enerzijds beperkt door de Vlaamse insteek (Vlaamse eindtermen en – logisch – geen aandacht voor het referentiekader taal), en anderzijds door de opbouw van het boek die wat mij betreft wel wat strakker en systematischer had gemogen. De drieslag van leerlingen, klas, en school ook doortrekken in de andere hoofdstukken van deel I, en een helder onderscheid maken tussen de bijdrage van het schoolvak Nederlands, eventuele steunlessen en de andere vakken, was mij lief geweest. Maar het is een rijk boek, dat zijn weg ook in Nederland wel zal weten te vinden.”



Recente publicaties op de website van het NDN en op de NDN-Facebookpagina
 

Agenda:

- Visie- en ondersteuningstekst bij de conceptnota "Samen taalgrenzen verleggen" - minister Smet - 26-1-2012


Actuele berichten:

- De Boekenleeuw 2012 gaat naar Bart Moeyaert voor zijn kinderboek "De melkweg" (Uitg. Querido)
- De Nederlandse kinder- en jeugdboekenschrijver Guus Kuijer wint de Astrid Lindgren Jeugdliteratuurprijs 2012
- Eerbetoon aan Louis Paul Boon – hij zou nu 100 jaar zijn geworden
- Nobelprijswinnares literatuur Wisława Szymborska 88 overleden
- Doeschka Meijsing 64 - overleden
- Waardevolle boeken - een longlist

Ideeën:

- Moedertaalonderrig bevorder leerderprestasie en kulturele diversiteit - Michael le Cordeur 18-1-2011
- Grammaticale beroering op de mailinglist van de Community Nederlands van Kennisnet - Eén zin, vier zinsdelen – maar vooral een stukje poëzie 12-15 - 3 - 2012

NDN-Facebookpagina

- 11 mei 2012: Oratie Leonie Cornips - Plaats: Universiteit Maastricht - Tijd: 16.30 uur
- Conferentie APS-Taal De referentieniveaus lezen op 9 mei a.s. in Utrecht
- Nederlands officiële onderwijstaal in het Onderwijsmanifest april 2012 VVL
- Docententrofee voor Tonio van A.F.Th. van der Heijden
- Jozef Deleu – op 20 april 75
- Literatuur in het Afrikaans
- “8e druk” Muiswerk Woordenboek in 3 maanden tijd
- Moedertaal
- Karl 'Winnetou' May stierf net 100 jaar geleden
- De versterking van de professionele bacheloropleidingen.
Volstaat het geld of is er meer nodig? (VVKHO-studienamiddag, 8 juni 2012)
- Voorontwerp van Integratiedecreet voor de tweede maal goedgekeurd
- De taalprof organiseert opnieuw De Nationale Bijspijkerdag Zinsontleding in Nijmegen op donderdag 28 juni 2012
- ‘Gebruik de ict-leer-kracht van leerlingen’ – brochure van Kennisnet o.l.v. Frans Schouwenburg, Sectormanager po en vo
- Leerlingen filmen een heuse onderwijsconferentie
- Ongepubliceerde gedichten Wislawa Szymborska teruggevonden
- Universiteiten schrappen 30 taalstudies, kritiek uit buitenland
- OESO-rapport stelt: Geef leerkrachten meer status, loon en autonomie!


 
     
Colofon
Bestuur van het Netwerk Didactiek Nederlands:
  • Ghislain Duchâteau, voorzitter
  • José Vandekerchove, vicevoorzitter
  • Dorothea Van Hoyweghen, secretaris
  • Guido Cajot, bestuurslid
  • An De Moor, bestuurslid
  • André Mottart, bestuurslid

  • Hugo de Jonghe, erevoorzitter
  • Frans Daems, erebestuurslid

Wie actief wil meewerken meldt zich aan voor een plek in het NDN-bestuur
Stuur ons een e-postberichtje op info@netdidned.be.
We nemen dan meteen contact op.


Contributie

- Gewoon lid worden van het Netwerk Didactiek Nederlands kunt u door storting van 20
- Steunend lid zijn kunt u door storting van € 25
op rekening IBAN = BE05 0011 4997 1675; BIC = GEBABEBB van NDN, Wilrijk -

Donaties zijn heel welkom

 
Redactie van de Nieuwsbrief van het NDN :
Ghislain Duchâteau
Tel. : 0032(0)11/22 86 25
E-post : info@netdidned.be