Contact: info@netdidned.be
Correspondentieadres: Netwerk Didactiek Nederlands (NDN): Eendrachtlaan 3 - 3500 Hasselt
Verantwoordelijke uitgever: G. Duchâteau, Eendrachtlaan 3 - 3500 Hasselt
24- 2, januari, februari, maart 2012
In deze nieuwsbrief:

NDN-Facebookpagina




Intro
Contributie 2012
Verslag HSN25-Den Haag 25-26 nov. 2011
Verslag implementatieconferentie NTU 8-9 dec. 2011
Drieslag taal in Nederlands beroepsonderwijs
Collectie Reinaert de Vos in bibliotheken in Antwerpen
Wablieft-prijs duidelijke taal
Beoordelings-formulieren spreken - schrijven
Netwerkmiddag NDN
UGent - 14 maart 2012
Taaldag CNO UA
4 febr. 2012
Overlijden van
Nicole Rowan
Beeld en geluid in DBNL
Recent op website NDN
 
 
 
Beschikbaar in ons NDN-archief:
 
De oudere nieuwsbrieven in e-zinevorm kunt u opvragen bij de redactie.
Zie Colofon
NDN-Nieuws 24-1
 
NDN-Nieuws 23-4
 
NDN-Nieuws 23-3
 
NDN-Nieuws 23-2
 
NDN-Nieuws 23-1
 
NDN-Nieuws 22-4
 
NDN-Nieuws 22-3
 
NDN-Nieuws 22-2
 
NDN-Nieuws 21-3
 
NDN-Nieuws 21-2
 
NDN-Nieuws 21-1
 
 
 
Intro
 

L.S.

Het Netwerk Didactiek Nederlands sluit aan bij de vele wensen aan u allen voor een voorspoedig Nieuwjaar 2012.

Op de drempel van dit nieuwe jaar en bij het hernemen van de activiteiten na de eindejaarsvakantie van dit academiejaar brengen wij u met genoegen de tweede aflevering van de lopende jaargang van ons e-zine.

We proberen daarbij zoveel mogelijk in te spelen op de actualiteit. Dat kunnen activiteiten zijn die nog dichtbij in het verleden liggen, maar we brengen ook activiteiten onder de aandacht die in het nabije verschiet liggen.

Zo blikken wij terug op de HSN-Conferentie in Den Haag, die voor de 25ste keer werd georganiseerd en die echt een jubileumconferentie was. Ook brengen wij uitvoerig verslag uit van de Implementatieconferentie in december 2011 van de Nederlandse Taalunie in Hoeven begin december 2011. Voor de volledige verslagen van beide belangrijke didactische gebeurtenissen verwijzen we in de voorstellingstekst naar de NDN-website waar ze uitvoerig en met foto’s tot hun recht komen.

We blikken ook extra vooruit naar de Netwerkmiddag aan de Universiteit Gent op 14 maart 2012 waar we de functionaliteit van taalbeschouwing voor taalverwerving van taalleerders aan de orde stellen. Niemand minder dan de Nijmeegse didacticus Piet-Hein van de Ven zal ons daarover komen vertellen.

Het volledige bestek van deze aflevering van het NDN-e-zine omvat 12 artikels net zoveel als in de vorige aflevering. We leiden ze in met een vriendelijke maar dringende vraag om uw contributie voor 2012 aan het NDN over te maken en zo uw lidmaatschap te vernieuwen, maar daarin zit ook een oproep om de talrijke geadresseerden van deze nieuwsbrief te vragen lid te worden van ons netwerk dat het hele taalgebied in Nederland en Vlaanderen bestrijkt. Nieuwe leden zijn bijzonder welkom. Hun toetreden tot ons netwerk zou een blijk van ondersteuning van onze inspanningen en een waardering voor wat wij brengen voor de didactiek van het Nederlands betekenen. Ook dat is welkom.

Buiten het bestek van deze nieuwsbrief ijveren we samen met de andere verenigingen Nederlands in Vlaanderen en Nederland voor een effectieve ondersteuning van het taalbeleid van de onderwijsoverheden in Vlaanderen. De conceptnota van minister P. Smet “Samen taalgrenzen verleggen” krijgt van de verenigingen op dit ogenblik meer dan gewone aandacht en wij hopen daarbij constructieve ideeën te kunnen aanreiken. Zie de pagina NDN-activiteiten op onze website. Later berichten we daarover meer.

Intussen hebt u met de 12 artikels in deze NDN-Nieuwsbrief meer dan genoeg leesvoer.
Wij wensen u daarmee een zinvolle en ook prettige lectuur toe.

Ghislain Duchâteau,
voorzitter en redacteur NDN


 
Hernieuwing van het lidmaatschap of toetreding tot NDN 2012
Uitnodiging tot betaling van de contributie NDN
 

Het werkjaar van het NDN loopt van 1 januari tot 31 december. Het is dus tijd om uw lidmaatschap van ons netwerk te vernieuwen. Een groot deel van onze activiteiten wordt mogelijk gemaakt door de contributies van onze leden. We kunnen die financiële ondersteuning uitermate goed gebruiken. Daarom verzoeken wij u dringend uw jaarbijdrage voor 2012 over te maken aan het NDN.

Die contributie voor het Netwerk Didactiek Nederlands voor 2012 bedraagt
- voor een gewoon lid € 20
- voor een steunend lid € 25.

Wilt u die overschrijven op rekening nr. 001-1499716-75 van NDN, Wilrijk?
Voor overschrijvingen uit het binnen- en buitenland IBAN = BE05 0011 4997 1675;
BIC = GEBABEBB.

Donaties zijn ook heel welkom.

Naast onze verwachting dat onze leden ons werk voor de didactiek Nederlands blijven waarderen, durven wij ook hopen dat uit Vlaanderen en uit Nederland nog meer lerarenopleiders Nederlands van universiteiten en hogescholen, begeleiders, onderzoekers, schoolboekenauteurs en andere belangstellenden voor de didactiek van het Nederlands lid willen worden van ons Netwerk Didactiek Nederlands.

Vier Nieuwsbrieven krijgt u toegezonden. Nieuwsflitsen over relevante gebeurtenissen in het onderwijs Nederlands en taal sturen wij u toe. In 2011 hebben we ook een Facebookpagina geopend. Daarin kunt u de recente belangrijke nieuwsgegevens lezen heet van de naald en u kunt zelf op het prikbord interactief participeren aan de NDN-communicatie. Ook onze website www.netdidned.be wordt geregeld bijgehouden. U vindt er een agenda, een activiteitenrubriek, een rubriek Actua, mededeling over belangwekkende publicaties en nog meer.

Toch nog dit: nieuwsbrief en –flitsen zijn niet gekoppeld aan het lidmaatschap.

Mogen wij een vlugge storting van uw contributie voor 2012 verwachten?

Nieuwe leden bezorgen ons per mail hun naam en adres en telefoonnummer met de vermelding van hun werkplek en hun beroepsactiviteit. Ons e-postadres is info@netdidned.be

Met onze bijzondere dank bij voorbaat.


Ghislain Duchâteau, NDN-voorzitter

HSN 25 Den Haag – 25-26-11-2011 Verslag van de jubileumconferentie

 

Het was een feestelijke conferentie, die druk werk bijgewoond door didactici Nederlands uit Nederland en Vlaanderen. Het feestgedruis deed hoegenaamd geen afbreuk aan de ernst waarmee de inleidende lezingen en de talrijke sessies op vrijdag en zaterdag werden gevolgd.

Peter Nieuwenhuysen bij de opening van HSN-25
Hij is lid van het bestuur van de Stichting HSN
en heeft alle 25 conferenties van Het Schoolvak Nederlands bijgewoond



Op de website van het NDN brengen we over dit jubileumgebeuren op de pagina NDN-Activiteiten een behoorlijk omstandig verslag uit vanuit onze eigen invalshoek en vanuit onze eigen beleving. We besteden aandacht aan alle sessies die we als verslaggever persoonlijk hebben meegemaakt. Dat waren er acht in totaal. Eigen foto’s brengen het gebeuren ook dichterbij.

Steeds aanwezig de uitgeverijen met
methodes en didactische uitgaven

Workshop
Naar taalkrachtige lerarenopleidingen (HUtrecht)

Workshop
Ernstige aandacht

Workshop
Hoe presenteren?



Klik op deze koppeling om het verslag in extenso te lezen

 


Verslag van de implementatieconferentie van de Nederlandse Taalunie
“Vernieuwingen in het onderwijs Nederlands. Hoe zorg je dat het werkt?” -
Conferentiecentrum Bovendonk Hoeven (Nl.) 8-9 december 2011

 
Wij hadden het groot genoegen aanwezig te mogen zijn op deze 2e implementatieconferentie van de NTU.

Het volledige verslag staat op de NDN-website – pagina NDN-Activiteiten

De opening van de conferentie lag in handen van beide dagvoorzitters, de Nederlandse didacticus Jozef Kok en de Vlaamse didacticus Jan T’Sas.  Zij deden dat op een onderhoudende en uitnodigende wijze.

Inleiding


De conferentie werd ingeleid door prof. dr. Maarten Vansteenkiste van de Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie van de Universiteit Gent. De titel van zijn voordracht was “Moetivatie of motivatie? De lerarenopleider en onderwijsbegeleider als motiverende coach.” Na een geleidelijke uiteenzetting over de motivatievormen belichtte de spreker de betekenis van oordeelkundig en empirisch observeren van motivatie in het onderwijsgebeuren. Daarmee verstrekte hij een psychologisch kader voor opleiders en leraren-begeleiders om hun concreet handelen aan op te hangen.
Vrijdagmorgen kregen we na de begroeting van de dagvoorzitters een inleiding van prof. dr. Gert Rijlaarsdam, ILO Universiteit van Amsterdam over “Onderzoek als basis en uitkomst van onderwijsverandering”.  Hij deed dat aan de hand van de verworvenheden van de laatste jaren rond het domein ‘Schrijfvaardigheid’. Jawel, zijn “old stuff” bleek toch wel heel waardevol te blijven.

Workshoprondes en Posterpresentaties

Tijdens de hele conferentie waren er vier rondes telkens twee per dag. Elke ronde bevatte drie workshops waaruit de deelnemers konden kiezen. 

In de namiddag van donderdag brachten de dagvoorzitters een rapportage uit de workshops en tussentijdse conclusies. Na de wissel kwamen in de bovenzaaltjes van de 3e verdieping een vijftal ‘Speeddates’ met posterpresentaties voor iedereen. Die werden telkens door kleine groepjes gedurende tien minuten achtereenvolgens bezocht.

Hilde Vanderheyden leidt een workshop in
Tijdens die workshop
Afsluiting: de vernieuwing vasthouden
Dominique Engers, sneldichteres, commentarieerde de conferentie in rijmende verzen - enkel lachende gezichten

 

Op de website van het NDN brengen we omstandig verslag uit van de conferentie, opgeluisterd met daarbij passende foto’s. Van elke workshop wordt vanuit de conferentiebrochure een duidelijke kijk verstrekt waarover het ging en wat de vernieuwing betekende.

Afsluiting

Op het einde van het verslag brengen we ook de afsluiting. De dagvoorzitters zorgden voor heel wat conclusies, die uit de conferentie voortkwamen. Zij formuleerden ze voornamelijk in sleutelbegrippen voor de deelnemers: welke aspecten moeten de vernieuwing doen slagen? Hoe gaan we tewerk om de vernieuwing vast te houden?

Klik nu door naar het volledige verslag op de website van het NDN – pagina
NDN-Activiteiten



Leuvens Centrum voor Taal en Onderwijs krijgt 14de Wablieft-prijs


Een krachtige Wablieft-prijs 2011

Op 18 november reikte Wablieft de 14de Wablieft-prijs voor Duidelijke Taal uit.
Wablieft koos dit jaar een krachtig project als winnaar.

De hele school voor hogere geletterdheid

De Wablieft-prijs 2011 gaat naar het coachingsproject G-kracht van het Centrum voor Taal en Onderwijs (CTO) van de K.U.Leuven.

Een groot aantal jongeren in het BSO (Beroeps Secundair Onderwijs) en in het DBSO (Deeltijds Beroeps Secundair Onderwijs) scoort ruim onvoldoende op lees- en schrijfvaardigheden.
G-kracht zet de hele school in (vakleerkrachten, directie en taalbeleidscoördinatoren) om het lees- en schrijfniveau van jongeren in BSO en TSO te verhogen.

G-kracht werkt

Schrijven en lezen hoeven niet beperkt te blijven tot lessen Nederlands. Leerlingen voeding-verzorging lezen in hun praktijklessen bijvoorbeeld over de twee manieren om te testen of een ei nog vers is, en doen de proef zelf, waarna ze verslag maken van hun experiment. G-kracht daagt leerlingen dus uit om te schrijven, lezen en rekenen zoals ze later in het beroepsleven zullen moeten doen. Het project liep twee jaar op tien scholen in Vlaanderen en haalde bemoedigende resultaten: de leerlingen scoorden opmerkelijk beter bij lezen en schrijven. Die verdienste werd daarom bekroond met de Wablieft-prijs 2011.

 

Hoe zit het met de ‘drieslag taal’ in het Nederlands middelbaar beroepsonderwijs?
 

Die drieslag werd van 2008 tot 2010 door het Instituut voor Taalonderwijs en Taalonderzoek van de UvA (ITTA) ontworpen binnen het landelijk project Taalontwikkeling in het mbo. Het is een onderwijsconcept voor de inrichting van het Nederlands in het beroepsonderwijs.

Drieslag taal


Tiba Bolle, die in 2010 Drieslag taal: Praktijkboek Nederlands in het mbo uitgaf, wijdt er nu een kritisch artikel aan in Levende Talen Magazine (LTM) jg. 98/8 van december 2011 pp. 17-20 met als titel “Ligt de ‘drieslag taal’ op koers? Ontwikkelingen van het Nederlands in het mbo”. Vele regionale onderwijscentra (roc’s) nemen de drieslag taal als uitgangspunt: taalontwikkelend beroepsonderwijs, inrichten van ondersteunende taallessen en bijspijkerlessen. Men gaat ervan uit dat taalontwikkeling plaatsgrijpt langs drie samenhangende leerlijnen: taalontwikkeling in de beroepsgerichte vakken, in algemene en functionele taallessen en in remediërend taalonderwijs. Het devies is: taalontwikkeling in álle vakken.

 



Onderzoek

Nederlands als vak staat op het rooster maar is vooral ondersteunend aan de uitvoering van beroepstaken. Binnen het opzet van de drieslag signaleert men en vangt men taalzwakke leerlingen op. ITTA onderzocht hoever het nu staat met de intensivering van het Nederlands in het mbo en de drieslag taal. Gesprekken werden gevoerd met de projectleiders taal en rekenen van dertig roc’s.

Er blijkt op grote schaal geïnvesteerd te worden in het ontwikkelen, bundelen van expertise en deskundigheid. Opleidingsteams kregen taaldocenten toegevoegd, secties Nederlands werden gevormd, taalcoaches werden aangesteld om teams te begeleiden. Ook op grote schaal werden talencentra ingericht voor de afname van toetsen en het remediërend taalonderwijs. De roc’s hebben taalcoördinatoren en taalcontactpersonen gefaciliteerd. Overal ontstonden kenniskringen, taalnetwerken, werk- en projectgroepen taal en taalcoaches werden opgeleid die managers en vakcollega’s advies kunnen verstrekken.

Er wordt niet enkel veel overlegd en geadviseerd, maar er is ook heel wat gerealiseerd. Op de roc’s zijn grootschalige nulmetingen georganiseerd in de vorm van taaltoetsen bij instroom van de opleidingen. Docenten Nederlands werden aangesteld en (veelal digitale) taalmethodes werden gekozen voor de basisvaardigheden. Her en der is een begin gemaakt met curriculumontwikkeling gebaseerd op die taaltaken die voor de uitoefening van het beroep relevant zijn. De ontwikkeling van slag één komt overal langzaam op gang. In veel opleidingen zijn secties Nederlands bezig om de taallessen beter af te stemmen op de vaklessen (slag twee). In talencentra worden groepjes leerlingen opgevangen die in de opleiding voor taal niet mee kunnen (slag drie).

Niet goed

Wat levert dat nu op voor de lessen en programma’s? Wordt er nu gezamenlijk aan taalontwikkeling gewerkt door het volledige opleidingsteam? Alles liep nog niet goed.
In de taalondersteuning namen deelnemers hun werk mee naar de bijles, maar niet de instructies van de docenten of de eisen waaraan ze moesten voldoen. Op de meeste plekken liep de communicatie niet goed tussen opleidingsteams en remediërende taaldocenten. Het vak Nederlands staat vaak los van de opleiding, al proberen veel taaldocenten Nederlands hun lessen op het beroep af te stemmen. Een zorgpunt is ook de taalkennis van de beroepsvakdocenten zelf. Sommige roc’s nemen een taaltoets af bij alle teamleden, wat een opening kan creëren om over de eigen taalvaardigheid te praten en wellicht de behoefte ontstaat aan lessen Nederlands voor de vakdocenten zelf.

Jammer is ook dat het belang van een functionele beroepsgerichte leerlijn Nederlands en taalgericht vakonderwijs steeds meer uit het zicht lijken te verdwijnen. Bij de uitvoering verschuift de aandacht naar aparte algemene niveauverhogende leerlijnen Nederlands. Directe aanleiding is de komst van de centraal ontwikkelde examens (coe), waarin leesvaardigheid en luistervaardigheid Nederlands in algemene contexten worden geëxamineerd. Men vergeet dat er ook beroepsgerichte taaleisen zijn dat leerlingen juist in het beroep ook taal kunnen leren. Omdat onderwijs de examinering volgt, kiezen veel scholen voor versterking of invoering van algemeen niveauverhogend Nederlands. Taalontwikkeling Nederlands wordt opnieuw de verantwoordelijkheid van de taaldocent alleen. Gelijklopendheid van algemene vakken met beroepsgerichte vakken is noodzakelijk. Toch zoeken roc’s een manier waarop de integrale taalleerlijn in stand gehouden kan worden. Door het instellingsexamen spreken en schrijven wél in de beroepscontext en beroepsspecifiek te examineren worden mensen automatisch op het spoor gezet van taalontwikkeling in de beroepscontext.

Verder gebeurt het inzetten van taalcoaches om taalbeleid Nederlands in de teams concreet vorm te geven met wisselend succes. Een wat meer ervaren taalcoach krijgt  een betere ingang. Soms doen taalcoaches meer het ontwikkelwerk en leveren concrete producten.

Besluit

Het onderzoek volgens Tiba Bolle wijst uit dat de meeste roc’s op koers proberen te blijven met taalbeleid. De drieslag taal wordt breed onderschreven maar vaak niet altijd even adequaat omgezet in daden. Toch wordt nu stevig ingezet op het versterken van taalontwikkelend vakonderwijs en vakgericht taalonderwijs. Ook de remediëring is anders ingericht, dichter op de afdeling en als vast onderdeel op het rooster. Van grote invloed evenwel op het taalontwikkelend vakonderwijs is de komst van de generieke centrale examinering, wat niet gunstig te beoordelen valt.

Deze ervaringen kunnen beslist dienstig zijn en richtinggevend voor de implementatie van taalontwikkelend lesgeven en taalbeleid in de hogescholen en in secundaire scholen in Vlaanderen. Ze kunnen ook bekeken worden vanuit de beleidsopties van de Vlaamse onderwijsminister zoals die geformuleerd werden in zijn talennota “Samen taalgrenzen verleggen”.  Voor de betrokkenen zelf die dat taalbeleid implementeren, zullen ze inzichten bijbrengen hoe je bij die implementatie het best tewerk gaat met reële kansen op succes maar ook met de te verwachten hindernissen.

(Samenvatting van en naar het artikel van Tiba Bolle in LTM)

G.D.

Unieke collectie Reinaert de Vos en fabelboeken komt naar Antwerpen
 

Op donderdag 17 november 2011 ontvingen de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience en de Universiteitsbibliotheek Antwerpen een unieke collectie Reynaert de Vos en fabelboeken van Wim Gielen en zijn echtgenote Trude. Beide instellingen zullen de collectie Gielen verwerken, bewaren en ter beschikking stellen. De gehele collectie zal ook digitaal ontsloten worden.

Tekening Maurice Jaubert de Becque (1878-1928)

Collectie Gielen

Huisarts Wim Gielen, bijna 75 jaar bij zijn overlijden op 1 september 2010, was gedurende zijn hele leven gepassioneerd door Reynaert de Vos. De immense collectie boeken en tekeningen die hij samen met zijn echtgenote Trude aanlegde over de schalkse figuur, behoort tot de Europese top.
Een ander belangrijk onderdeel van de collectie is de verzameling fabelboeken die nagenoeg de hele literatuurgeschiedenis van de Griekse oudheid tot de huidige periode bestrijkt. De interesse van Wim en Trude ging ook uit naar literatuur, streekgeschiedenis, beeldende kunst, archeologie, architectuur en klassieke muziek. Boeken over deze onderwerpen zijn dan ook ruim aanwezig in de collectie Gielen.
Wim Gielen deelde zijn grote kennis met veel plezier met andere bibliofielen en met het brede publiek. Als lid van het Reynaert-genootschap stond hij mee in voor verscheidene tentoonstellingen en hij publiceerde regelmatig artikelen en bijdragen in jaarboeken. Het echtpaar Gielen was ook lid van verscheidene erfgoedverenigingen.

Nieuwe bestemming

Wim Gielen was zeer betrokken bij de zorg voor erfgoed in het algemeen en toen bleek dat hij ernstig ziek was, ging hij op zoek naar een geschikte bestemming voor zijn omvangrijke collectie. Zo kwamen Wim en Trude Gielen terecht bij de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience en de Universiteitsbibliotheek van Antwerpen.
De collectie wordt verdeeld over de twee instellingen, op enkele minuten lopen van elkaar verwijderd, in het centrum van Antwerpen. Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience ontvangt de Reynaerdiana en de Universiteitsbibliotheek van de Universiteit Antwerpen de collectie fabelboeken. Beide instellingen stellen zich garant voor een waardige verwerking, bewaring en terbeschikkingstelling van de collecties.

Digitale ontsluiting

Een deel van de collectie Gielen zal gedigitaliseerd worden en beschikbaar komen via Flandrica, het digitaliseringproject van de Vlaamse Erfgoedbibliotheek. Op deze wijze zullen de collecties beschikbaar zijn voor onderwijs en onderzoek. De gehele collectie zal worden ontsloten via de catalogus van het Anet netwerk.

Een voorbeeld van de digitale ontsluiting betreft (een stukje uit) de Goddelijke Warande der Dieren.
Enkele voorbeelden van gedigitaliseerde prenten.

 

Theorie en beoordelingsformulieren voor spreken en schrijven

 

Wat is er eigenlijk bekend bij leerlingen in de bovenbouw? Wat kan ik eisen als ik een opdracht geef voor een presentatie? Hoe kan ik dat becijferen? Vanuit de sectie Nederlands willen we ons team hiermee helpen. Als eerste wat theoretische kaders die de leerlingen geleerd hebben. Vervolgens eisen aan opdrachten van de docent en aan het werk van de leerlingen. Voor alle vragen hierover kun je altijd terecht bij een van de teamdocenten Nederlands.

Tekstsoorten en tekstdoelen

  • Informatieve teksten: geven alleen feitelijke, controleerbare  informatie. Voorbeelden van informatieve teksten: verslag (chronologische weergave van onderzochte feiten) of nieuwsbericht. Uiteenzetting: informatie + uitleg hoe iets in elkaar zit of werkt of verklaring hoe zaken met elkaar samenhangen. Informatieve/uiteenzettende teksten zijn altijd objectief.
  • Beschouwende teksten: lichten een onderwerp toe van verschillende kanten, bijvoorbeeld probleem-oplossingen, voor- en nadelen, verschijnsel-verklaringen, verschijnsel-bespreking, vroeger-nu(-toekomst). Voornamelijk objectief, subjectieve elementen, in slot mag auteur mening geven.
  • Betogende teksten: overtuigen van een mening. Opbouw: stelling-argumenten-conclusie.

Argumentatie
Leerlingen kennen vanaf eind vwo-4/havo-4 de volgende soorten argumenten en kunnen ze gebruiken:

  • Voorbeeld
  • Feiten
  • Ervaring
  • Gezag/autoriteit
  • Vergelijking
  • Moreel
  • Emotioneel

En deze drogredenen:

  • Persoonlijke aanval
  • Meelopersmotief
  • Generalisering
  • Dreigement
  • Ontduiken bewijslast
  • Cirkelredenering
  • Standpunt vertekenen
  • Onjuiste oorzaak-gevolg relatie
  • Beroep op verkeerde autoriteit
  • Hellend vlak
  • Vals dilemma

Schrijfregels
Al vanaf de onderbouw hebben de leerlingen de volgende schrijfregels geleerd. Je mag dus verwachten/eisen dat ze hiermee geen fouten maken.

  1. Elke zin begint met een hoofdletter en eindigt met een punt, een vraagteken of een uitroepteken.
  2. Denk aan de manier van citeren (let goed op de volgorde van de leestekens):
    • “Weet je het antwoord?”, vroeg de lerares aan Pieter.
    • Hij zei: ”Ik heb geen flauw idee.”
    • “Ik dacht”, zei zij, “dat het beter zou worden na je rapport.”
  3. Maak zinnen niet langer dan vijftien woorden.
  4. Kijk bij werkwoorden eerst goed wat voor soort werkwoord het is (persoonsvorm, voltooid deelwoord, infinitief, bijvoeglijk naamwoord). Elke soort heeft eigen regels.
  5. Zet een komma tussen twee persoonsvormen.
  6. Gebruik één werkwoordstijd in het hele stuk dat je schrijft. Óf tegenwoordige óf verleden tijd.
  7. Maak de regels vol, of het moet om een gedicht gaan.
  8. Gebruik geen afkortingen.
  9. Getallen onder de twintig, tien-, honderd- en duizendtallen (vijftig, duizend) schrijf je voluit.
  10. Gebruik niet steeds hetzelfde woord in één alinea. Twijfel je over de betekenis of spelling van een woord, zoek dan een alternatief. 

Formulering opdrachten
Let bij het opstellen van een schrijfopdracht of presentatie op de volgende punten:

  • Doelstelling: wat is het doel van de opdracht? Wat moeten de leerlingen aan het eind kennen/kunnen?
  • Transparantie: is de opdracht duidelijk, helder verwoord? Wat verwacht je exact, op welke wijze, hoe lang, hoe veel, wat moet ingeleverd worden?
  • Samenwerking: moeten leerlingen samenwerken, groepsgrootte, hoe ga je om met een leerling die niet meewerkt in een groep? Deel je zelf groepjes in of vrije keuze?
  • Beoordeling: welke onderdelen zorgen voor een cijfer? Hoe vaak telt dit mee? Wat is de weging van evt. verschillende onderdelen?

Eisen aan een werkstuk/verslag (praktische opdracht)

Opbouw

  • Omslag
  • Titelpagina
  • Inhoudsopgave
  • Woord vooraf (terugblik proces)
  • Inleiding (inleiding op onderwerp, aanleiding, doel, hoofdvraag en deelvragen, hypothese)
  • Hoofdstukken (eerst theorie dan onderzoek)
  • Conclusies
  • Bijlagen (uitwerking onderzoek)
  • Bronnenlijst

Zie verder het boekje over het profielwerkstuk.

Presentatie - Presentatietips

  • Bereid je grondig voor. Zorg dat je evt. apparatuur werkt en dat jij weet hoe alles werkt.
  • Grondig voorbereiden betekent niet: uit je hoofd leren! Verdiep je goed in je onderwerp, weet waarover je praat.
  • Sta rustig voor de klas. Kijk voor je begint goed rond, zodat je weet waar iedereen zit. Leg je spullen klaar, haal diep adem en probeer te ontspannen.
  • Zorg voor een beknopt en duidelijk leesbaar spreekschema met korte zinnen. Geen uitgeschreven teksten (met markeringen) meenemen.
  • Maak je inleiding aantrekkelijk met een pakkende beginzin (dus niet: ‘Ik wil jullie wat vertellen over…’)! Vertel dan ook wat je luisteraars van je kunnen verwachten.
  • Structureer je kern. Vertel waar je ongeveer zit in je presentatie (‘Ik heb nu het probleem geschetst en wil jullie in het vervolg verschillende oplossingen presenteren.’)
  • Ook je slot moet duidelijk gemarkeerd zijn (‘De conclusie moet dus zijn, dat…’).
  • Het is fraai om met een mooie slotzin te eindigen, die blijft hangen (dus niet: ‘Dit was mijn presentatie.’) Ook is het mooi om je slot en inleiding aan elkaar te verbinden. Ben je begonnen met een voorval, dan kun je daarop terugkomen in je slot.
  • Als je gebruik maakt van Powerpoint, zorg dan dat het alleen maar een ondersteunend middel is! Jij blijft de presentator! Je blijft dus ook naar het publiek kijken en richting hen praten.
  • Als je afbeeldingen laat zien, moeten die voor iedereen goed lees- of zichtbaar zijn.
  • Houd contact met je publiek, laat je ogen over de gezichten dwalen.’
  • Probeer natuurlijke gebaren te maken (non-verbale communicatie).
  • Wees je bewust van eventuele ‘tics’: over je neus wrijven, haar uit je gezicht vegen, wiebelen etc. Je komt erachter door voor een spiegel te oefenen.
  • Spreek rustig, duidelijk en luid genoeg.
  • Spreek goed Nederlands!
  • Zorg voor een tijdbewaker.

Beoordelingsformulieren

De kolommen betekenen het volgende:
+        boven gemiddeld
+-      gemiddeld niveau
-        beneden gemiddeld niveau

Bij het onderdeel presentatie: leerlingen moeten spreken van een schema, niet voorlezen, maar ook niet uit het hoofd geleerd voordragen. Ze moeten ‘natuurlijk’ spreken.


 

 

 

Beoordelingsschema presentatie bovenbouw hv


Datum

 

Spreker en klas

 

Onderwerp

 

Beoordelaar

 

Voorbereiding presentatie

 

Opbouw


3 pnt

+

+-

-

Is de presentatie logisch opgebouwd (inleiding – kern – slot)?

 

 

 

Motiveert de inleiding de luisteraars?

 

 

 

Wordt in de inleiding aangegeven hoe het vervolg is opgebouwd?

 

 

 

Houdt de spreker zich aan zijn aangekondigde structuur?

 

 

 

Zit er een duidelijk slot aan de presentatie?

 

 

 

Houdt de spreker zich aan de toegemeten tijd?

 

 

 

Inhoud


5 pnt

+

+-

-

Wordt de informatie goed uitgelegd?

 

 

 

Wordt het niveau van de luisteraars goed ingeschat?

 

 

 

Hoe is het niveau van de presentatie?

 

 

 

Hoe is de vragenbeantwoording achteraf door de spreker?

 

 

 

Publieksgerichtheid


2 pnt

+

+-

-

Hoe is de verstaanbaarheid? (spreektempo, intonatie)

 

 

 

Hoe zijn de zinsbouw en de woordkeus?

 

 

 

Brengt de spreker zijn onderwerp op een boeiende manier?

 

 

 

Hoe is het contact met de luisteraars?

 

 

 

Hoe is de houding van de spreker? (non-verbaal gedrag)

 

 

 

Eventueel ppt of illustratiemateriaal met toegevoegde waarde?

 

 

 

Overige opmerkingen:
…………………………………………………………………………………………………………………………………………………

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………

Eindbeoordeling:              
               

Beoordelingsformulier uiteenzetting of beschouwing          

 

 

Naam/klas:             ……………………………………
Onderwerp:              ……………………………………

40%

Inhoud

- -

+-

+

Toelichting

Klopt de informatie feitelijk?

 

 

 

 

Is de hoeveelheid informatie voldoende, wordt de hoofdvraag beantwoord?

 

 

 

Zit er voldoende diepgang in de tekst?

 

 

 

Heeft de leerling zich aan de opdracht gehouden?

 

 

 

Is er rekening gehouden met de lezer(s)?

 

 

 

Heeft de tekst een prettige schrijfstijl (mooie zinnen, goede ideeën)?

 

 

 

30%

Structuur

 

 

 

 

Inleiding:

 

 

 

   Belangstelling gewekt?

 

 

 

   Hoofdinhoud aangekondigd?

 

 

 

Middenstuk:

 

 

 

Logisch geordend?

 

 

 

   Duidelijke alineaverbanden?

 

 

 

Slot:

 

 

 

   Samenvatting/conclusie juist?

 

 

 

   Evt. advies, e.d. relevant?

 

 

 

   Aantrekkelijke slotzin? (vwo) 

 

 

 

Juiste verhouding tussen inleiding, middenstuk en slot? (ong. 1 : 5.5 : 1)

 

 

 

20%

Taalgebruik

 

 

 

 

Zinsbouw

 

 

 

Eigen werk

 

 

 

Spelling

 

 

 

Interpunctie

 

 

 

10%

Presentatie

 

 

 

 

Motiverende en informerende titel?

 

 

 

Juiste witregels? (inl., kern, slot)

 

 

 

Goede alineaindeling (inspr., verhouding)?

 

 

 

Goede algemene verzorging? (lettergrootte, -type, lead vetgedrukt)

 

 

 

100%

Opmerkingen:

 

Bericht op de mailinglist Vakcommunity Nederlands van 23-12-2011 van Jacobi de Wildt - Rentier - Docent
Gomarus, reformatorische scholengemeenschap Gorinchem.


Netwerkmiddag NDN – Universiteit Gent - woensdag 14 maart 2012
Hoe taalbeschouwing taalvaardigheid bevordert,
Piet Hein van de Ven
 

Na de netwerkmiddag op woensdag 23 maart 2011 organiseert het Netwerk Didactiek Nederlands ook dit jaar een didactisch georiënteerde netwerkbijeenkomst in de Universiteit Gent. Helge Bonset had het in 2011 over “Perspectieven voor de didactiek Nederlands”.  De eminente Nijmeegse didacticus Nederlands Piet Hein van de Ven heeft het op woensdagmiddag 14 maart 2012 eveneens aan de Universiteit Gent over de dienende functie van taalbeschouwing voor de bevordering van de taalcompetentie van taalleerders.

Opnieuw is de Gentse didacticus en NDN-bestuurslid André Mottart de gastheer.
Een definitieve uitnodiging voor onze leden en sympathisanten volgt later.

Alvast oriënteren we ons nu meteen naar de voorgestelde thematiek. We gaan daarbij uit van de eindtermen en leerplannen zoals die nu in de verschillende netten van het Vlaamse onderwijs van toepassing zijn. Alle netten viseren taalbeschouwing in functie van taalbeheersing.

In de eerste plaats verwijzen we evenwel naar een artikel in het tijdschrift Impuls uit 2006 van de hand van onderwijsinspecteur Herman Ros, Het grote misverstand. De plaats van grammatica in de eindtermen  - IMPULS, 37e JG., NR. 2, DECEMBER 2006, 85-89. Hij behandelt achtereenvolgens de krachtlijnen van de eindtermen in dat opzicht, de functionaliteit van grammatica in de leerplannen, het ondersteunend maar beslist niet overbodig karakter van grammatica in de communicatieve taaldidactiek, hoeveel grammatica nodig is, hoe geef je die grammatica en is dat niet te tijdrovend?

Wij verwijzen hier dan ook graag naar het kerngedeelte van het artikel over de gewenste grammaticadidactiek.

Grammatica: hoe geef je dat?

Minstens even belangrijk als de vraag ‘hoeveel grammatica’ is de manier waarop grammaticale kennis wordt aangebracht. In de communicatieve taaldidactiek maakt de expliciete ‘expository teaching’, die vroeger gangbaar was, plaats voor de inductieve ‘discovery learning’-methode.

De inductieve leerweg verloopt volgens volgende fasen:


1. Observatiefase


De leerling observeert de grammaticale structuur
in aangeboden tekstmateriaal



2. Ontdekkingsfase


De leerling mobiliseert zijn impliciete kennis om
hypotheses op te bouwen over de systematiek die
achter de grammaticale regel schuilt



3. Expliciteringsfase


De leraar maakt de regel expliciet en visualiseert
de grammaticale regel in een kader of schema



4. Taalgerichte oefenfase


De leerling oefent de aangeleerde grammaticale
structuur in vormgerichte oefeningen



5. Communicatieve oefenfase


De leerling leert de grammaticale regel toepassen
in vrij taalgebruik (mondelinge en/of
schriftelijke productie



Herman Ros, Het grote misverstand. De plaats van grammatica in de eindtermen  - IMPULS, 37e JG., NR. 2, DECEMBER 2006, 87.

In de tweede plaats geven we hier voor onze leden en belangstellenden de koppelingen die leiden naar de eindtermen en de leerplannen.

Centrale vraag:
Hoe vertaal je de nieuwe visie van taalbeschouwing naar taalsystematiek naar beter taalgebruik (toename van taalbeheersing)?
Hoe ga je dat evalueren?"

Basisdocumenten
www.ond.vlaanderen.be

Daar vind je de eindtermen voor het schoolvak Nederlands + de uitgangspunten.

Eerste graad A-stroom

Eerste graad B-stroom

Tweede graad aso (geldig vanaf 01.09.2012)

Tweede graad aso (geldig vanaf 01.09.2012) - uitgangspunten

Tweede graad kso (geldig vanaf 01.09.2012)

Tweede graad kso (geldig vanaf 01.09.2012) - uitgangspunten

Tweede graad tso (geldig vanaf 01.09.2012)

Tweede graad tso (geldig vanaf 01.09.2012) - uitgangspunten

Derde graad

Daar kun je de leerplannen+uitgangspunten vinden die gelden tot 31.08.2014 en ook zij die gelden vanaf 01.09.2014

Bij www.ond.vlaanderen.be vind je verder

- De advieslijst taalbeschouwelijke termen

Deze lijst is voor leraren en docenten bedoeld en dient als referentiepunt voor de in de nieuwe eindtermen en leerplannen gebruikte taalbeschouwelijke termen

- Je vindt er verder de beroepsprofielen en de basiscompetenties.
* Beroepsprofielen
* Basiscompetenties

www.vvkso.be

Vrij (katholiek) onderwijs

- de nieuwe leerplannen Nederlands voor de eerste graad A-stroom
- de nieuwe leerplannen Nederlands voor de eerste graad B-stroom

Er zijn nog geen nieuwe leerplannen beschikbaar voor de tweede graad (volgen 01.09.2012) en voor de derde graad (volgen 01.09.2014). Je vindt wel de ‘oude’ op de vvkso-site.

www.g-o.be

Gemeenschapsonderwijs

- de A-stroom
- de B-stroom

Ook hier volgen de nieuwe leerplannen op de hierboven vermelde data. Je vindt de ‘oude’ op de g-o-site.

Met dank voor de aanlevering van deze referenties aan vicevoorzitter NDN José Vandekerckhove.

Houd woensdagmiddag 14 maart 2012 zeker vrij voor deze belangrijke netwerkmiddag aan de Universiteit Gent


Taaldag 2012 Centrum Nascholing Onderwijs – Stadscampus UAntwerpen – zaterdag 4 februari 2012
 

Zoals elk jaar kan iedere taalleerkracht terecht op de Taaldag (zaterdag 4 februari 2012) waar je kan kiezen uit een breed aanbod aan werkwinkels om praktische ideeën op te doen voor jouw lessen.

Voor de overzichten van het volledige aanbod voor leerkrachten Duits, Engels, Frans, Nederlands en Spaans  kan je op elke link per taal klikken.

Voor het vakoverschrijdend aanbod kan je terecht op volgende overzichten:
- onderwijskunde
- socio-emotionele begeleiding
- remediëring leerstoornissen
- ICT-toepassingen
- veiligheid

We bevelen deze taaldag graag aan bij de lerarenopleiders in ons hoger onderwijs.
Ook voor hen kunnen een aantal sessies bijzonder verrijkend overkomen.


Het programma vind je hier

In dat programma is voor Nederlands van belang:

- WERKWINKELS 1ste sessie: 09.30 - 10.30 u.

1. Lees maar, er staat wat er staat - over poëzie in de klas
Charles Ducal, leraar en dichter
Doelgroep: iedereen die geïnteresseerd is in poëzie, leraren Nederlands 4de jaar en derde graad

- WERKWINKELS 2de sessie: 11.00 - 12.00 u.

6. Nieuw: meer en andere taalbeschouwing voor drie en vier?! Blik op de voorkennis
Marleen Lippens, pedagogisch begeleider en leerplanvoorzitter Nederlands (VVKSO)
Doelgroep: leraren Nederlands 2de graad aso/kso/tso

11. Hoe verbeter je de presentatietechnieken van je leerlingen?
(wordt herhaald als sessie 27)
Jordi Casteleyn, praktijkassistent communicatievaardigheden Universiteit Gent
Doelgroep: iedereen

12. Mediageletterdheid in het secundair onderwijs
(wordt herhaald als sessie 22)
Paul Bottelberghs, mediaspecialist
Doelgroep: iedereen

- WERKWINKELS 3de sessie: 13.00 - 14.00 u.

14. Oude verhalen op sneakers, van Aristophanes tot Orfee
Liese Bergen, lerares Nederlands, drama, cognosco
Doelgroep: leraren Nederlands eerste en tweede graad (vooral 2de en 3de jaar)

20. Bloggen in de klas
(wordt herhaald als sessie 26)
Günther Convens, leraar Nederlands
Doelgroep: iedereen
Max.: 20 deelnemers

Praktische informatie

Datum

Van

Tot

Plaats

04/02/2012   (zaterdag)

09:30

15:15

UA - Stadscampus, Agoracomplex, Grote Kauwenberg 2, 2000 Antwerpen


Bijdrage voor de dag: 65 euro.
De bijdrage voor een halve dag bedraagt 35 euro.
Broodjesmaaltijd: 7 euro.

Klik hier om te reserveren voor deze cursus

Let wel:

Vanaf 1 februari 2012 is het niet meer mogelijk in te schrijven via de website. Ter plaatse inschrijven is dan zeker nog mogelijk, we vragen u wel om tijdig aanwezig te zijn voor de praktische regeling, maar houd er rekening mee dat enkele sessies volzet zijn.


CNO Stadscampus,
Het Brantijser
Sint-Jacobsmarkt 9-13, 2000 Antwerpen,
Tel.: 03 265 46 81, Fax: 03 265 47 65
rekening nr. BE79 4096 5218 8133 (409-6521881-33)

CursusNr.: 11/TAL/999.

Contact-email: danielle.daniels@ua.ac.be



Nicole Rowan overleden op 30 december 2011
 
Prof. dr. Nicole Rowan was verbonden aan het Departement Engels van de Universiteit Gent. Zij was er nu eredocente Engelse literatuur. Zij is een aantal jaren betrokken geweest bij de vakdidactiek van de Gentse universiteit, samen met Ronald Soetaert. In die periode heeft zij vrij intensief meegewerkt aan de activiteiten van wat voor 2008 de Vereniging voor Vlaamse Moedertaaldidactici (VVM) was, waaruit nu het Netwerk Didactiek Nederlands (NDN) is ontstaan.
Wij herinneren ons duidelijk dat zij studie maakte van de vrouwelijke auteurs in de literatuur en van gender-gerichtheid. In dat verband is op het internet nog haar bijdrage beschikbaar aan Links & Letters 2, 1995 pp. 31-45 “Is there a Woman in this Text? Female domination in Shakespeare’s Henry VI”.


Beeld en geluid in de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren

 


De DBNL heeft zijn digitale bibliotheek voor het eerst uitgebreid met video: dertig uur materiaal van dichters die werk van hun voorgangers voorlezen.

... Andy Fierens die met veel smaak enkele hoogtepunten uit het oeuvre van Gust Gils tot leven brengt. Peter Holvoet-Hanssen die zijn lievelingsgedichten van Paul Van Ostaijen voordraagt. De blinde en besnorde Friese bard Tjêbbe Hettinga die zijn voorganger Obe Postma eer bewijst. Of de integrale lezing van ‘Karel ende Elegast’ door Karel Eykman. Het is sinds vandaag (12-12-2011) te zien en horen op dbnl.org/delangstedag.

De DBNL organiseerde vorig jaar bij wijze van jubileumfeest zijn eigen opnamesessie. Op het festival ‘De Langste dag’ traden meer dan 75 dichters in vier zalen op die werk van hun bewonderde voorgangers voordroegen. Al die optredens zijn opgenomen en nu – precies een jaar later – online gezet. Zo mogelijk in combinatie met de tekst van de vertolkte gedichten.

Hoewel de DBNL zich hoofdzakelijk op de Nederlandse literatuur richt, traden ook Vlaamse dichters op. Naast Fierens en Holvoet-Hanssen zijn dat Eva Cox, Luuk Gruwez, Stefan Hertmans, Mark Insingel, Delphine Lecompte en de halve Vlaming Joke van Leeuwen. Vooral zij smokkelden de Vlaamse poëzie de site in. De Coninck, Claus, maar ook de Antwerpse Anna Bijns ontbreekt niet.

Naast de optredens bevat de subsite van de DBNL ook negen korte interviews met de mensen achter de schermen van het festival en enkele dichters. Daarin legt Holvoet-Hanssen uit wat hem zo aanspreekt aan Van Ostaijen. ‘Hij is mijn meester tout court. Hij heeft vorm en klank zo speciaal gemaakt dat hij zelf achter zijn muziekdoosmelodieën is verdwenen. Een woordentovenaar.’

Naar Maarten Dessing

maandag 12 december 2011


Lees ook 'De langste Dag brengt 10 eeuwen poëzie op podium'


Recente publicaties op de website van het NDN
 

Agenda:

- Maatschappelijke taalvaardigheid in duet - Een kwaliteitsdebat n.a.v. de peiling Nederlands in de 3e graad aso, kso, tso - Organisatie AKOV Vlaams Ministerie Onderwijs en Vorming - HIG Schaarbeek woensdag 8 februari 2012

- VELOV-Congres 2012 - Antwerpen - maandag 6 en dinsdag 7 februari 2012

Actuele berichten:

- Zuid-Afrikaans letterkundig biograaf J.C. Kannemeyer op Kerstdag 2011 onverwacht overleden

- Tonnus Oosterhoff wint de P.C.Hooftprijs 2012 voor zijn poëtisch oeuvre

- 'Sociale media in het onderwijs' Nieuwsbrief december 2011 - Erno Mijland

Ideeën:

- Over standaardtaal, tussentaal en dialecten op de VRT in Reyers laat van 15 november 2011

- Brabant taalcentrum ? - Ghislain Duchateau 24-10-2011



 
     
Colofon
Bestuur van het Netwerk Didactiek Nederlands:
  • Ghislain Duchâteau, voorzitter
  • José Vandekerchove, vicevoorzitter
  • Dorothea Van Hoyweghen, secretaris
  • An De Moor, bestuurslid
  • André Mottart, bestuurslid
  • Frans Zwitserlood, bestuurslid

  • Hugo de Jonghe, erevoorzitter
  • Frans Daems, erebestuurslid

Graag zien wij collega's actief meewerken met ons.
Wie meldt zich aan voor een plek in het NDN-bestuur?
Stuur ons een e-postberichtje op info@netdidned.be.
We nemen dan meteen contact op.


Contributie

- Gewoon lid worden van het Netwerk Didactiek Nederlands kunt u door storting van 20
- Steunend lid zijn kunt u door storting van € 25
op rekening IBAN = BE05 0011 4997 1675; BIC = GEBABEBB van NDN, Wilrijk -

Donaties zijn heel welkom

 
Redactie van de Nieuwsbrief van het NDN :
Ghislain Duchâteau
Tel. : 0032(0)11/22 86 25
E-post : info@netdidned.be